Posts tonen met het label mensen. Alle posts tonen
Posts tonen met het label mensen. Alle posts tonen

zaterdag 4 april 2026

Portret in de stijl van Modigliani

Amedeo Clemente Modigliani (1884 - 1920) was een Italiaans kunstschilder en beeldhouwer. Zijn schilderijen worden gerekend tot het expressionisme. Modigliani schilderde sterk gestileerde naakten en portretten die toch overeenkomst met het model bleef houden. Hij maakte gebruik van gestileerde en verlengde vormen: lange, ovale gezichten met uitgerekte halzen en lange ledematen, waardoor de figuren vaak een melancholieke stemming uitdrukken. De huid is vaak roestkleurig en alle vormen zijn omlijnd. Ogen, monden en neuzen staan in de gezichten niet op de 'juiste' plaats, maar zijn ook uitgerekt.

Instructie
Bekijk met de leerlingen schilderijen van Modigliani en bespreek wat opvalt:
  • gezichten zijn langgerekt
  • gezichten staan vaak scheef
  • warme kleuren 
  • de vormen zijn zwart omrand
Wat heb je nodig?

  1. zwart knutselpapier op A4 
  2. oliepastels
  3. gekleurd papier voor achtergrond
  4. tekenpotlood
Wat moet je doen?
  1. Neem een vel zwart papier en verdeel dit in acht vakken: verticaal middendoor, dan horizontaal middendoor. Halveer de horizontale helften nog eens. 
  2. Teken met potlood een ovaal vanaf de middenlijn tot iets boven het midden van het bovenste vak. 
  3. Teken de halslijnen vanaf het midden tot aan het onderste vak. 
  4. Teken de schouders. 
  5. Teken de ogen en de mond. Hiertussen de neus, die langer wordt dan gebruikelijk. Zie schema.
  6. Trek de potloodlijnen over met zwart oliepastel. 
  7. Kleur het portret in. Raak de zwarte lijnen niet met een ander kleurtje, want dan gaat het smeren! Mocht een lichter krijtje toch zwarte vlekken krijgen, maak het dan schoon met een papieren handdoekje. 
  8. Kleur de achtergrond tot er geen zwart meer te zien is. Plak het werk op een gekleurd ondervel.
Door leerlingen van groep 7.

zaterdag 7 februari 2026

Sporter in beweging

Wat heb je nodig?

  • afbeelding silhouet van een sporter
  • gekleurd papier A4 
  • wit tekenpapier  A4
  • paperclips
  • schaar
  • snijmat en snijmesje
  • lijm
  • viltstift
Wat moet je doen?
1. Zoek een silhouet van een sporter in beweging en print uit.  
2. Leg drie kleuren papier op elkaar en daarop de print van de sporter. Maak de vier vellen aan elkaar vast met paperclips. 
3. Knip de sporter uit. Verplaats daarbij steeds de paperclips zodat de vier vellen goed op elkaar blijven. Gebruik een snijmesje voor stukjes waar je met de schaar niet bij kunt. 

4. Maak een compositie die beweging suggereert en plak de sporters op wit papier. 
5. Vul de achtergrond met patronen in viltstift.
Werkstukken gemaakt door leerlingen van groep 8.

donderdag 5 februari 2026

Olympische sporters

Wat heb je nodig?
  1. per groep een vel A1 tekenpapier A1
  2. ronde vouwkartons of knutselpapier in Olympische kleuren
  3. passer
  4. scharen en lijm
  5. kopie sportfiguur
Vooraf
Begin de les met het symbool van de Olympische Spelen: de gekleurde ringen. Welke kleuren hebben ze? Wat is de betekenis van de ringen? Hoe zijn ze door elkaar gevlochten?
Vraag enkele kinderen de houding van een sporter aan te nemen, bv. een schaatser of skiër. Bekijk en bespreek de houding: hoe is de stand van de benen, armen en lichaam? Wijzig de houding en kijk opnieuw goed.

Wat moet je doen?
  1. Je werkt in een groep van 5 leerlingen. Pak een groot tekenvel, vouwkartons in de kleuren van de ringen en 5 kopieën van de sportfiguur. 
  2. Overleg hoe groot jullie ringen worden en wie welke kleur heeft. Teken met de passer een ring en knip uit. 
  3. Knip de ring op één plek door. 
  4. Bespreek hoe de ringen moeten liggen: wat is de goede volgorde? Welke komt naar voren en welke erachter?  Zorg dat de knip onder een andere ring terechtkomt, zodat je die niet ziet. Plak de ringen nog niet vast!  
  5. Knip de onderdelen van de sportfiguur uit. 
  6. Ieder legt de losse onderdelen rond/achter/voor/door zijn eigen ring in de vorm van een sporter. 
  7. Plak tot slot alle onderdelen vast. 
Werkstukken gemaakt door leerlingen van groep 8. 
De les is oorspronkelijk op dit blog gepubliceerd in 2010.  

dinsdag 2 september 2025

Moving around


Benodigdheden:
  1. wit tekenpapier A4 
  2. zwarte fineliners
  3. viltstiften in drie kleuren
  4. zwart knutselpapier als achtergrond
Instructie vooraf
Deze les draait om beweging. Vraag enkele leerlingen voor de klas ‘bevroren’ houdingen aannemen: rennen, juichen, bal vangen, knielen. De andere leerlingen tekenen deze houding op een kladblaadje. Hun figuur hoeft alleen te bestaan uit een rondje (hoofd) en strepen voor armen, romp en benen. Het gaat dus niet om het tekenen van goed lijkende mensen, maar om de houding: hoe buigt een been of arm?
Wat moet je doen?
  1. Teken met potlood poppetjes in beweging; alleen rondjes en streepjes. (zie detailfoto). Teken er zoveel mogelijk, maar laat ze niet overlappen. Laat je poppetjes ook van het vel afvallen, dan lijkt het een oneindige tekening! 
  2. Trek de figuurtjes over met fineliner.  
  3. Vul de vlakken tussen de poppetjes met drie kleuren viltstift, bv. alleen primaire of secundaire of drie nuances van één kleur. Laat rond de figuurtjes een randje wit. 
  4. Plak de tekening op zwart papier.

Tekeningen gemaakt door leerlingen van groep 8.
Beeldaspecten: ruimte, kleur, nuance. 

zaterdag 4 januari 2025

Vlokken vangen

 
Het sneeuwt! Kijk omhoog en probeer met je tong sneeuwvlokjes te vangen! Hoe ziet je gezicht er uit als je omhoog kijkt?
Wat heb je nodig? 
  • blauw papier
  • oliepastel krijtjes
  • fiberfill of watje
Wat moet je doen? 
  1. Teken op blauw papier een kind in een vrolijke wintertrui. 
  2. Kleur dit stevig in met oliepastelkrijtjes. Omlijn met zwart. 
  3. Plak een stukje fiberfill/watje op de tong.
  4. Teken sneeuwvlokken rondom.
Tekeningen gemaakt door leerlingen van groep 6. 

dinsdag 11 juli 2023

In de stijl van David Hockney


Benodigdheden:
  1. wit tekenpapier op A4 formaat
  2. blauw papier voor achtergrond
  3. oliepastels
  4. ecoline of vloeibare waterverf in blauw en groen
  5. plakkaatverf in blauw, groen, wit
  6. wc-rolletje
David Hockney is in 1937 geboren in Engeland. Hij studeert aan de Koninklijke Academie in Londen. Zijn eerste werken zijn anekdotisch van aard. In 1964 gaat  Hockney naar Californië, waar hij een meer realistische schilderswijze ontwikkelt. Belangrijkste onderwerpen in zijn werk uit deze periode zijn zwembaden, portretten en landschappen.
Vanaf 1966 gebruikt Hockney steeds vaker foto's voor zijn kunstwerken. Hij maakt collages die helemaal bestaan uit verknipte foto's.
Na 1980 wordt zijn werk meer expressionistisch. 

Bekijk werk van David Hockney en dan vooral de zwembaden. Bespreek hoe mensen onder water eruit zien - wapperende haren, een lichtere huid. Hoe ontstaan de glinsterende vlakken op het water?

Wat moet je doen?
  1. Teken een of meer personen in badkleding.
  2. Kleur in met oliepastel. 
  3. Teken achter de zwemmer met wit oliepastel een patroon van golvende horizontale, verticale en diagonale lijnen.
  4. Verf het werk met blauwe en of/ groene verdunde ecoline. Oliepastel stoot de waterverf af, zodat het water met de oplichtende vlakken goed zichtbaar wordt.
  5. Stempel met een wc-rol en plakkaatverf cirkels op een blauw achtergrondvel.
  6. Plak het kunstwerk erop. 
Door leerlingen van groep 6

dinsdag 23 mei 2023

Portfoliomap met zelfportret zoals Roy Lichtenstein


Op mijn school bewaren we gemaakte kunstwerken tot het eind van het schooljaar. In juni maken de leerlingen een portfoliomap om alles mee naar huis te nemen. Op de voorkant staat een eigen tekening in de stijl van een van de kunststromingen die dat jaar is behandeld. Dit zijn de portfoliomappen van groep 8 met een zelfportret in de stijl van Roy Lichtenstein (popart). 
Uiteraard is dit ook een leuke opdracht voor de verjaardagskalender die we aan het begin van het schooljaar maken. 

Benodigdheden:
Voor de map: papier op A1 formaat, dubbelgevouwen > wij gebruiken hiervoor het ruwe schilderpapier van de kleuters. 

inhoud portfoliomap

Voor de tekening

  1. wit tekenpapier A4
  2. viltstiften 
  3. huidskleur potloden
  4. zwarte fineliner

Zie voor meer info over kunstenaar Lichtenstein deze eerdere post.
Laat op het digiboard werken van Roy Lichtenstein zien en bespreek de belangrijke kenmerken: gebruik van primaire kleuren (soms ook groen), tekstballonnen, kreten (onomatopee) rasterstippen en zwarte omlijningen. 

Wat moet je doen?

  1. Teken op het witte tekenvel een zelfportret (stappenplan op Wikihow).
  2. Voeg een tekst toe die bij jou past. Doe dit in een tekstballon of andere vorm.
  3. Kleur je gezicht met huidskleur potlood.  
  4. Gebruik voor de rest van je tekening viltstift in primaire kleuren. 
  5. Kleur één onderdeel van je tekening met stippen. 
  6. Vul de achtergrond met een patroon. 
  7. Omlijn met zwarte fineliner. 
  8. Plak je werk op je portfoliomap. 
  9. Teken daarop met grote letters: portfoliomap + je naam + het jaartal.
Beeldaspecten: lijn, kleur.

maandag 17 april 2023

Gevangen in de oorlog

Wat heb je nodig?
  1. wit tekenpapier A4
  2. ribkarton
  3. potlood
  4. waterverf + penselen
  5. pot water
  6. zwart katoen of raffia
  7. lijm
Een les die past bij het thema Tweede Wereldoorlog en ook gedaan kan worden als aansluiting op verhalen of boeken rond dit thema.

"We moesten iemand of meerdere mensen tekenen die in een concentratiekamp zaten. We moesten de angst en de machteloosheid zo goed mogelijk tekenen. Bij de meesten lukte dat heel goed en een heleboel tekeningen werden echt heel erg mooi.
Als we klaar waren moesten we de achtergrond schilderen met waterverf. Op het laatst moesten we met wol of raffia prikkeldraad voor de mensen maken en de tekening op ribkarton plakken. Het was een indringende opdracht; je ging er toch wel meer over nadenken."

Met dank aan Sylvia Versteeg en haar leerlingen. 

zaterdag 13 augustus 2022

Portret zoals Picasso

 Wat heb je nodig?

  • zwart A4 papier 
  • oliepastels
  • pastelkrijt
Zie voor  informatie over Picasso een van de andere posts op dit blog met het label kubisme

Wat moet je doen?
  1. Schets met pastelkrijt een portret zoals Picasso dat deed. De ene helft van het gezicht zie je van de voorkant, de andere helft en profil
  2. Kleur in met oliepastels. Zorg ervoor dat het hele vel gevuld is. 
  3. Trek de omlijningen van het gezicht met zwarte oliepastel.
Beeldaspecten: vorm, kleur
Woordenschatkubisme, en profil, gezichtspunt, omlijning, portret  
Kunstwerken gemaakt door leerlingen van groep 8.

vrijdag 18 maart 2022

De Schreeuw, net als Edvard Munch

Bang voor een overstroming

Edvard Munch (1863-1944) is een Noorse kunstschilder. 

De moeder van Munch overleden toen hij 5 jaar was. Kort daarna stierf ook zijn zusje. De angst voor het verliezen van geliefden achtervolgde Munch. Hij kreeg last van depressiviteit en angsten. Deze angst en zijn eenzaamheid zie je terug in zijn werken. 

Munch was niet alleen schilder. Hij maakte ook houtsnedes en etsen. Hij beeldde in zijn werk menselijke emoties, angsten en onzekerheden uit. Door deze onderwerpkeuze, maar ook door het gebruik van felle kleuren en expressieve lijnen had hij veel invloed op de ontwikkeling van het expressionisme. 

In de schilderijen De Schreeuw (Munch heeft hiervan meerdere versies gemaakt) zie je de angst terug. De persoon met de open mond kijkt naar de toeschouwer. Hij heeft zijn oren bedekt met zijn handen, terwijl zijn mond lijkt te schreeuwen. De rode en gele golvende lijnen van de lucht versterken het gevoel van angst. De zwarte figuren op de achtergrond benadrukken de eenzaamheid van de figuur op de voorgrond. 

Zet een afbeelding van het schilderij op het digibord en bespreek het. 

  • Wat zie je? 
  • Wat kun je zeggen over de kleuren? (fel en zacht door elkaar)
  • Wat zie je aan de lijnen? (golvende en rechte)
  • Het schilderij werd eerst 'Wanhoop' genoemd. Waarom?
  • Wat zou er met de figuur op de voorgrond aan de hand kunnen zijn?
  • Wat zie je aan het lichaam van de figuur op de voorgrond? (golvende lijnen, meebewegend met de lucht)
  • Wat kun je zeggen over de figuren op de achtergrond? 
  • Hoe komt het dat het pad en het hek erlangs steeds smaller worden?
  • Wat vind je van dit schilderij? Wat voel je erbij?  
In deze les maken de leerlingen zelf een 'Schreeuw'. 

Bang voor monsters 

Benodigdheden: 
  • wit tekenpapier (25 bij 32,5 cm)
  • potlood
  • liniaal
  • oliepastels of wasco
  • geprinte zwart wit foto's van leerlingen vanaf het middel
  • sterke lijm
Stappenplan
  1. Leg het papier met de smalle kant naar beneden voor je. 
  2. Zet aan de linkerkant een punt op het vel op 1/3 deel van bovenaf. 
  3. Trek met de liniaal lijnen van de punt naar de hoek rechtsonder (in het voorbeeld de blauwe lijnen). 
  4. Teken paaltjes (de rode lijnen) in het hek. Dit zijn loodrechte lijnen. 
  5. Schets met potlood op de achtergrond iets waarvoor je heel bang bent. 
  6. Schets twee mensen die over het hek kijken.
  7. Schets de rechte lijnen in het pad en de golvende lijnen in de lucht. 
  8. Kleur je werk in met oliepastel of wasco. 
  9. Knip de foto van jezelf uit en plak die op het werk. 
Bang voor een cheetah 

Kunstwerken zijn gemaakt tijdens de lessen over het expressionisme door leerlingen van groep 6.

Beeldaspecten: lijn, kleur, ruimte (perspectief). 

donderdag 8 juli 2021

Portret in clair obscur

Wat heb je nodig?

  1. tekenpapier op A4 formaat
  2. houtskool
  3. papieren doekjes
  4. zwart papier voor achtergrond
Vooraf
Clair-obscur is een techniek waarbij de voorgrond extreem licht is en de achtergrond extreem donker met als doel een dramatisch effect te creëren. De manier van lichtgebruik is vergelijkbaar met een schijnwerper in het theater: alleen het onderwerp staat in het licht.

Titus, de zoon van Rembrandt van Rijn (Rembrandt, 1660)

Narcissus, de man die verliefd werd op zichzelf, Caravaggio (1597-1599)

Laat deze twee schilderijen zien waarin clair obscur is toegepast. Wat valt op? Waar is het donker, waar is het licht? Waarom zou een kunstenaar dit doen? Welk gevoel roept dit bij je op?

Wat moet je doen?

Leerlingen gaan in tweetallen tegenover elkaar zitten en maken zo een portret van elkaar waarbij ze gebruikmaken van arceer- en veegtechnieken. Zorg ervoor dat de achtergrond donker is het het gezicht licht. 

Beeldaspecten: kleur, nuance, ruimte.
Kunstwerken gemaakt door leerlingen van groep 6.

zaterdag 12 januari 2019

Katte(n)kop - in de stijl van Corneille

Door een leerling van groep 5

 Benodigdheden:
  1. oliepastel krijtjes
  2. vloeibare waterverf
  3. kwasten 
Corneille schilderde vaak katten, vogels en vrouwen. Er zijn schilderijen waar hij de kat op het hoofd van de vrouw heeft geschilderd: een katte(n)kop?

Laat schilderijen van Corneille zien op het digibord; google op 'Corneille vrouw kat'.

Wie heeft er thuis een kat? Komt die wel eens bij je liggen? Ligt jouw kat wel eens op je hoofd?
Kijk eens goed naar deze twee schilderijen. Wat valt je op? Waarom zou Corneille bij de katten de ogen wit hebben gelaten? Hebben deze vrouwen haar? 

Teken op het tekenvel met een donkere kleur oliepastel een hoofd. Het mag je eigen hoofd zijn, maar dat hoeft niet. Op het hoofd ligt, zit of staat een kat. De kat lijkt wel haar! Welk kapsel het wordt, heeft te maken met de houding van de kat. 
Kleur de tekening in met heldere kleuren oliepastel. Schilder de achtergrond met verdunde vloeibare waterverf.   

Door een leerling van groep 5

Voor meer informatie over Corneille over hem en andere lessen over hem op dit blog: Les 1 en  les 2 en les 3

woensdag 12 september 2018

Bad hair day


Benodigdheden:
  1. tekenvel op A2 formaat (of A1 voor portfolio)
  2. ecoline of vloeibare waterverf
  3. rietjes
  4. oliepastelkrijtjes 
Geef een les over het tekenen van een gezicht (Wikihow).  Maak eventueel samen met de leerlingen een raster op het tekenvel, zodat de kinderen steunlijnen hebben voor het tekenen van de onderdelen van het gezicht. Laat daarbij eenderde deel van de bovenkant van het vel leeg.
Kleur de gezichten in met oliepastelkrijtjes. Druppel met een penseel ecoline bovenaan het vel en blaas dit met een rietje diverse kanten op. De ecoline zal niet pakken op het vette krijt.


Op de foto werkstukken van leerlingen van groep 5. Voor deze werkstukken zijn vellen op A1 formaat gebruikt en in de lengte dubbelgevouwen. Op deze manier ontstonden deze portfoliomappen, waarin de leerlingen alle gemaakte kunstwerken van het schooljaar konden bewaren. 

dinsdag 20 september 2016

Selfie in de stijl van de oude meesters

Door Anne, groep 5
Benodigdheden:
  1. spiegels
  2. potloden
  3. tekenpapier op A3 formaat
  4. kwasten
  5. plakkaatverf
  6. schaar
  7. lijn
We bekijken realistische (zelf)portretten van bekende en minder bekende schilders en bespreken deze. Waarom werden de portretten vroeger zo realistisch geschilderd en nu niet meer zo vaak?
We bespreken de indeling van een gezicht: waar zitten de ogen, op welke hoogte komen je oren etc. (google op 'how to draw a face').
Vervolgens bekijken de leerlingen hun eigen gezicht in een spiegeltje. Hoe zien je ogen eruit? Heb je brede of smalle wenkbrauwen, vaste of losse oorlellen, krullen of steil haar etc.


De leerlingen schetsen hun gezicht aan de hand van een stappenplan op grote vellen papier en schilderen dit vervolgens. Als iedereen klaar is, leggen we alle portretten bij elkaar en kijken we of we elkaar herkennen. We geven elkaar feedback: Wat is goed aan jouw tekening en welke tip kan ik je geven voor de volgende keer?
Na het drogen knippen we de portretten uit en laten daarbij een randje wit zitten zodat het mooi afsteekt tegen een gekleurde ondergrond.

Portretten van de leerlingen van de plusklas, groep 3-6 

zaterdag 19 oktober 2013

De man met de grote mond - Paul Klee


Door Frederieke, groep 5
Benodigdheden:
  1. tekenpapier op A2 formaat
  2. kwasten
  3. plakkaatverf
  4. potlood
  5. zwarte markeerstift
  6. schaar
  7. lijm
  8. behangpapier
Paul Klee (1879 – 1940) is een Duits/Zwitserse kunstschilder. Zijn werk behoort tot de moderne kunst. Klee ontwikkelde zich als autodidact en liet meer dan 9000 kunstwerken na. In 1912 maakte hij kennis met werk van Picasso en Malevitsj en ontmoette hij Robert Delaunay, die kleur het belangrijkste element in de schilderkunst vond. Na een reis naar Tunesië in 1914 ging Klee steeds kleurrijker en abstracter schilderen. Hij schildert landschappen, portretten, dieren, mythologie, geheimzinnige machines. In zijn werk combineert hij abstracte en figuratieve vormen. Het werk van Klee valt niet onder één stroming: surrealisme, kubisme, abstractie zijn termen die op zijn schilderkunst van toepassing zijn. Hij wordt ingedeeld bij het expressionisme (Bron: Wikipedia).


Laat het schilderij op het digibord zien. Schrijf aan de linkerkant 'ja' en aan de rechterkant 'nee'. Typ de volgende zinnen op het bord:
  • Hij heeft een grote mond
  • Zijn neus is precies even lang als zijn kin
  • Hij heeft krullen
  • Hij kan goed ruiken
  • Hij is bang
  • Zijn neus lijkt op een mes
  • De ogen zijn blauw
  • Hij ziet er brutaal uit
  • Hij ziet er boos uit
  • Hij heeft geen oren
  • Zijn gezicht bestaat uit puzzelstukjes
  • De kleuren zijn somber
  • Ik zie alleen felle kleuren
Laat de leerlingen een voor een de zinnen naar de goede plek slepen. 

De leerlingen tekenen een gezicht van de zijkant waarbij de neus even ver uitsteekt als de kin. Teken twee ogen. Verdeel het gezicht in vlakken. Kleur elk vak in met plakkaatverf en gebruik hiervoor alleen mengkleuren, net als Paul Klee deed. Alleen de ogen mogen in de basiskleur blauw worden geschilderd.
Wacht tot het werk droog is en omrand dan alle kleurvlakken met een zwart markeerstift. Knip het werk uit en plak het op gekleurd papier of een stuk behangpapier. 

Deze opdracht is gedaan in groep 5/6. De moeilijker variant is om het gezicht te tekenen met slechts één lijn. Je mag je potlood dan dus niet van het papier halen. 

Door Zahra, groep 5

Bron: Paul Klee voor kinderen, door Birgit Brandenburg 

maandag 7 oktober 2013

Onder moeders paraplu

Door Dylano, groep 3
Benodigdheden:
  1. wit tekenpapier A2 formaat
  2. wasco
  3. vloeibare waterverf
  4. kwasten
Naar aanleiding van een liedje of verhaal over herfst en regen, kan in de onderbouw deze les worden gedaan.

De leerlingen tekenen een mens/kind onder een paraplu en kleuren deze in met wasco. Teken dan regendruppels met witte wasco en eventueel waterplassen. Ga er tenslotte met vloeibare waterverf over, zodat de regendruppels zichtbaar worden.

Aandachtspunten zijn: 
  • regen valt van boven naar beneden ;)
  • onder de paraplu is geen regen
  • regen is doorzichtig, we tekenen dus met wit op wit!
  • regen vormt plassen op de grond
  • de onderkant van de paraplu is een schrijfvorm, nl. de boogjes van de n.

donderdag 5 september 2013

Blikvanger

Benodigdheden:
  1. wit tekenpapier op A5 formaat
  2. kleurpotloden
  3. fineliners
Bekijk elkaars ogen. Uit welke onderdelen bestaat een oog? Hoe is de vorm van een oog? Welke kleuren kom je tegen in de iris? Hoe kun je dit in je tekening terug laten zien? Wat valt op aan de pupil?
Bekijk eventueel filmpjes op YouTube, Hoe teken ik een oog/How to draw eyes. 

Kinderen tekenen op een A5 vel een oog en kleuren dit in met kleurpotlood. Veeg de kleuren met je vingers uit zodat ze in elkaar overlopen. Eventueel kunnen accenten aangebracht worden met een zwarte fineliner. 

Tekeningen zijn gemaakt door leerlingen van de brugklas.


dinsdag 14 mei 2013

Portret in de stijl van Picasso

Wat heb je nodig?
  1. bruin of lichtblauw tekenpapier A4
  2. oliepastelkrijtjes
  3. wit bordkrijt
Vooraf
Pablo Picasso (1881 - 1973) is een van de beroemdste kunstenaars aller tijden. Hij was beeldhouwer, grafisch ontwerper, pottenbakker, tekenaar en schilder.
Op 19-jarige leeftijd ging hij in Parijs wonen. Hij schilderde de armoede om hem heen. Zijn schilderijen uit die tijd zijn somber. We noemen dit de Blauwe Periode (1901-1904). Daarna werden Picasso's schilderijen vrolijker. Hij ging circusclowns en -artiesten schilderen in zijn Roze Periode (1904-1906).
Afbeeldingen die meer leken op verwarde puzzelstukjes volgden op deze Roze Periode. Soms gebruikte Picasso stukjes uit de krant, knopen, stof of touw en werden zijn werken collages.
Les demoiselles d' Avignon was het begin van zijn kubistische werk. Kubisten schilderden hun model of onderwerp van zoveel mogelijk kanten. Zo schilderde Picasso een vrouw die naar rechts kijkt terwijl haar neus naar links wijst. Het lichaam schilderde hij alsof het uit vierkanten bestond die naar allerlei kanten gericht waren. Kubistische werken lijken net puzzels. Het is alsof er iemand is geschilderd die in een gebroken spiegel kijkt.


Instructie
Toon kubistische werken van Picasso en bespreek wat opvalt.

Wat moet je doen? 
  1. Teken met wit bordkrijt een portret in de stijl van Picasso. Ogen, neus en mond kunnen dus op andere plaatsen zitten en vanuit een ander gezichtspunt te zien zijn en de stijl van de tekening moet hoekig zijn. 
  2. Verdeel de onderdelen van het gezicht en haar ook in vlakken. 
  3. Kleur in met oliepastels. 
  4. Omlijn de gezichtsonderdelen, gezicht en haarlijn met zwarte oliepastel.

Kunstwerken gemaakt door leerlingen van groep 8.