Posts tonen met het label beeldaspect: vorm. Alle posts tonen
Posts tonen met het label beeldaspect: vorm. Alle posts tonen

dinsdag 1 september 2026

Griekse vazen

Wat heb je nodig?
  • bruin inpakpapier of papieren zak
  • Oost-Indische inkt of zwarte stift/fineliner
  • wit bordkrijt
  • gekleurd papier voor achtergrond
  • lijm
  • schaar
In de Griekse oudheid speelde aardewerk in het dagelijks leven een grote rol. Het werd gebruikt om levensmiddelen in te bewaren, bijvoorbeeld wijn, olijfolie en water. Vaak werd het aardewerk versierd. Zo is er aardewerk waarbij de figuren rood zijn en de achtergrond zwart en andersom. Op Wikipedia staat veel informatie over Grieks aardewerk, vooral over de stijlen in de versiering van de vazen.

Instructie
Bekijk afbeeldingen van Grieks aardewerk. Bespreek enkele vormen:

amfoor - kruik met aan beide kanten een oor zodat hij gemakkelijk kon worden opgetild. Hij werd zowel voor vloeistoffen als vaste stoffen gebruikt.


krater
- mengvat voor wijn en water. De Grieken lengden hun wijn altijd met water aan en soms voegden ze kruiden toe om de smaak te veranderen.


kylix - drinkschaal, plat of op sierlijke voet, met twee horizontale orenom de schaal gemakkelijk door te kunnen geven.

stamnos - groot wijnvat met deksel en twee hoog opgezette oren. Meestal heeft de stamnos een buik die aan de bovenkant breder wordt en een korte hals.

 


Bekijk de motieven (organische en geometrische) op de vazen en benoem ze: dieren, planten, bloemen, driehoeken, spiralen, fabelwezens enz. 

Wat moet je doen?
  1. Vouw een stuk bruin inpakpapier dubbel.
  2. Teken met bordkrijt tegen de vouw een halve Griekse vaas. 
  3. Vouw het vel dan zo dat een afdruk van het krijt op de andere helft komt. 
  4. Teken op de vaas met inkt of stift figuren en randjes. Maak ook zwarte randjes waar je motieven uitspaart. 
  5. Knip de vaas uit en plak hem op een gekleurde achtergrond.
Werkstukken gemaakt door leerlingen van groep 7. 

woensdag 10 juni 2026

Landenvaantje

Wat heb je nodig? 
  • tekenpapier A4
  • viltstiften
  • zwarte fineliner
Instructie
Elk land heeft zo zijn eigen specifieke dingen: volkslied, vlag, taal, een gerecht, monument, evenement. Waaraan denk je als je aan Nederland denkt? Natuurlijk zullen er stereotypen genoemd worden, bv. klompen waar we al lang niet meer op lopen! Toch is de klomp nog steeds specifiek voor Nederland. Bespreek ook enkele andere landen en de typische dingen die daarbij horen.
Bespreek de term: vaantje. Leerlingen zullen ze herkennen van de sportclub. Wat is het doel van een vaantje? Wat valt je op aan de vorm? (symmetrie) Laat een aantal vormen via het digibord zien. 
Wat is het verschil tussen een vaantje en een vlag? 
Wat moet je doen ? 
  1. Bedenk van welk land je een vaantje wilt maken en welke typische dingen daarbij horen. 
  2. Teken met potlood een vaantje en knip dit uit,. 
  3. Verdeel je vaantje in vier vakken.
  4. Teken in de vakken kenmerkende dingen van het land. In een van de vakken moet de vlag van het land komen.
  5. Kleur in met viltstift.
  6. Omlijn alles met zwarte fineliner.
  7. Plak je vaantje op zwart papier.
Tekeningen gemaakt door leerlingen van groep 8.    

donderdag 4 juni 2026

Kloddermonsters

Vooraf
Een les om het begrip symmetrie uit te leggen.

Wat heb je nodig?
  • tekenpapier A4
  • plakkaatverf
  • schaar + lijm 
  • zwarte watervaste stift
  • gekleurd papier

Wat moet je doen?
  1. Vouw het tekenpapier dubbel. 
  2. Kies drie kleuren verf en druppel wat op het vel. Niet te dicht bij de randen, blijf in de buurt van de vouw.
  3. Vouw het vel dubbel. 
  4. Wrijf met vlakke hand over het tekenvel zodat de verf zich mengt en verplaatst. 
  5. Houd het vel tegen het licht om te zien of de verf goed is verspreid.
  6. Vouw het vel open en laat het drogen.
  7. Trek het kloddermonster met een dikke zwarte stift om. 
  8. Zoek naar vlekken die ogen, oren, armen, tentakels o.i.d. kunnen voorstellen en trek deze ook om.
  9. Knip het monster uit met een wit randje van een halve centimeter. 
  10. Plak het op een gekleurde achtergrond.
Werkstukken gemaakt door leerlingen van groep 6.

woensdag 3 juni 2026

De mooiste voetbal!

Wat heb je nodig?
  • patroon voetbal
  • liniaal
  • zwarte potloden of stiften
  • gekleurd papier voor achtergrond
  • schaar en lijm
  • lijm
Patroon voetbal (klik voor download)

Een voetbal heeft meestal de vorm van een afgeknotte icosaëder. Dit is een wiskundig figuur met 32 vlakken waarvan 20 zeshoekig en 12 vijfhoekig. De vijfhoeken zijn zwart, de zeshoeken wit. 

Wat moet je doen?
  1. Teken de half afgemaakte voetbal af. Let op: er zijn zeshoeken en vijfhoeken!
  2. Versier de vlakken met patroontjes in zwart/wit. Wil je onderscheid maken tussen vijf- en zeshoeken, maak de patroontjes dan donkerder in de vijfhoeken en lichter in de zeshoeken. 
  3. Knip de bal uit en plak deze op groen of oranje papier. 
Tekeningen gemaakt door leerlingen van groep 5. 

zondag 17 mei 2026

Japanse notans

Vooraf
Notan is het Japanse woord voor de balans tussen donker en licht. Het is ook een kunstvorm waarbij je werkt met een schaar positieve en negatieve ruimtes creëert.

Wat heb je nodig?
  • wit papier 20 bij 20 cm
  • zwart papier 10 bij 10 cm
  • schaar en lijm
Instructie
Laat voorbeelden van notans zien - symmetrische en niet symmetrische,  abstracte en figuratieve. Bespreek de afbeeldingen: 
  • Wat zie je?
  • Is er symmetrie in de afbeelding of niet? 
  • Is de voorstelling abstract of figuratief? 
  • Wat betekent harmonie? 
  • Is er sprake van harmonie in deze notan? Waarom wel/niet? 
Wat moet je doen?
  1. Teken aan de randen van het zwarte blaadje vormen die je mooi vindt. Let op: Ga niet verder dan het midden van het vierkante vel.
  2. Knip de vormen  uit.
  3. Plak het zwarte vierkant in het midden van het witte vel.
  4. Leg de uitgeknipte vormpjes terug in het gat waar ze vandaan komen.
  5. Klap ze naar buiten om en plak ze vast.
Werkstukken gemaakt door leerlingen van groep 8. 

dinsdag 12 mei 2026

Geometrische figuren met schaduw

Wat heb je nodig?

  • wit tekenpapier A4 formaat
  • potlood
  • viltstift
Instructie
Bekijk deze foto van drie driedimensionale geometrische figuren. Waar komt het licht vandaan? Hoe weet je dat? Waar zijn de vlakken donker? Waar zie je schaduwen? Hoe kun je in een tekening diepte laten zien? Hoe teken je schaduwen? 
Er zijn meerdere manieren om schaduwen te tekenen: diagonale lijnen, mengen of krabbelen (afbeelding hieronder). In deze les oefenen de leerlingen deze drie manieren. Door de lijnen dichter op elkaar te zetten, ontstaan nuances. 
Wat moet je doen?
  1. Teken de foto na of teken zelf drie geometrische figuren. 
  2. Breng op elke figuur op de juiste plek schaduwen aan, per figuur één manier. 
  3. Kies een kleur viltstift. 
  4. Vul de achtergrond met patronen. 

Werkstukken gemaakt door leerlingen van groep 8. 
Beeldaspecten: vorm, nuance, lijn, ruimte. 
Bron les: Arteascuola.

woensdag 6 mei 2026

Op zoek naar de kameleon

Wat heb je nodig?
  • wit tekenpapier A4
  • oliepastelkrijtjes
  • schaar
  • dubbelzijdig plakband
Wat moet je doen?
  1. Kies vier of vijf kleurtjes oliepastel die mooi bij elkaar passen. Kleur hiermee vlakken in op je tekenvel. Laat rondom elk vlak een strook van een halve centimeter wit. 
  2. Teken op een ander vel een kameleon.
  3. Kleur deze op dezelfde manier en met dezelfde kleuren in. Vergeet de witte randjes niet. Laat om de ogen een randje wit en maak de ogen zwart.
  4. Knip de kameleon uit met een randje van een halve centimeter wit. 
  5. Zoek hoe de kameleon het mooist op de ondergrond past en plak vast met dubbelzijdig plakband. De kameleon ligt nu iets hoger dan de ondergrond; dit geeft een mooi ruimtelijk  effect.
Tekeningen gemaakt door leerlingen van groep 8.

zaterdag 4 april 2026

Portret in de stijl van Modigliani

Amedeo Clemente Modigliani (1884 - 1920) was een Italiaans kunstschilder en beeldhouwer. Zijn schilderijen worden gerekend tot het expressionisme. Modigliani schilderde sterk gestileerde naakten en portretten die toch overeenkomst met het model bleef houden. Hij maakte gebruik van gestileerde en verlengde vormen: lange, ovale gezichten met uitgerekte halzen en lange ledematen, waardoor de figuren vaak een melancholieke stemming uitdrukken. De huid is vaak roestkleurig en alle vormen zijn omlijnd. Ogen, monden en neuzen staan in de gezichten niet op de 'juiste' plaats, maar zijn ook uitgerekt.

Instructie
Bekijk met de leerlingen schilderijen van Modigliani en bespreek wat opvalt:
  • gezichten zijn langgerekt
  • gezichten staan vaak scheef
  • warme kleuren 
  • de vormen zijn zwart omrand
Wat heb je nodig?

  1. zwart knutselpapier op A4 
  2. oliepastels
  3. gekleurd papier voor achtergrond
  4. tekenpotlood
Wat moet je doen?
  1. Neem een vel zwart papier en verdeel dit in acht vakken: verticaal middendoor, dan horizontaal middendoor. Halveer de horizontale helften nog eens. 
  2. Teken met potlood een ovaal vanaf de middenlijn tot iets boven het midden van het bovenste vak. 
  3. Teken de halslijnen vanaf het midden tot aan het onderste vak. 
  4. Teken de schouders. 
  5. Teken de ogen en de mond. Hiertussen de neus, die langer wordt dan gebruikelijk. Zie schema.
  6. Trek de potloodlijnen over met zwart oliepastel. 
  7. Kleur het portret in. Raak de zwarte lijnen niet met een ander kleurtje, want dan gaat het smeren! Mocht een lichter krijtje toch zwarte vlekken krijgen, maak het dan schoon met een papieren handdoekje. 
  8. Kleur de achtergrond tot er geen zwart meer te zien is. Plak het werk op een gekleurd ondervel.
Door leerlingen van groep 7.

zaterdag 7 februari 2026

Sporter in beweging

Wat heb je nodig?

  • afbeelding silhouet van een sporter
  • gekleurd papier A4 
  • wit tekenpapier  A4
  • paperclips
  • schaar
  • snijmat en snijmesje
  • lijm
  • viltstift
Wat moet je doen?
1. Zoek een silhouet van een sporter in beweging en print uit.  
2. Leg drie kleuren papier op elkaar en daarop de print van de sporter. Maak de vier vellen aan elkaar vast met paperclips. 
3. Knip de sporter uit. Verplaats daarbij steeds de paperclips zodat de vier vellen goed op elkaar blijven. Gebruik een snijmesje voor stukjes waar je met de schaar niet bij kunt. 

4. Maak een compositie die beweging suggereert en plak de sporters op wit papier. 
5. Vul de achtergrond met patronen in viltstift.
Werkstukken gemaakt door leerlingen van groep 8.

donderdag 5 februari 2026

Olympische sporters

Wat heb je nodig?
  1. per groep een vel A1 tekenpapier A1
  2. ronde vouwkartons of knutselpapier in Olympische kleuren
  3. passer
  4. scharen en lijm
  5. kopie sportfiguur
Vooraf
Begin de les met het symbool van de Olympische Spelen: de gekleurde ringen. Welke kleuren hebben ze? Wat is de betekenis van de ringen? Hoe zijn ze door elkaar gevlochten?
Vraag enkele kinderen de houding van een sporter aan te nemen, bv. een schaatser of skiër. Bekijk en bespreek de houding: hoe is de stand van de benen, armen en lichaam? Wijzig de houding en kijk opnieuw goed.

Wat moet je doen?
  1. Je werkt in een groep van 5 leerlingen. Pak een groot tekenvel, vouwkartons in de kleuren van de ringen en 5 kopieën van de sportfiguur. 
  2. Overleg hoe groot jullie ringen worden en wie welke kleur heeft. Teken met de passer een ring en knip uit. 
  3. Knip de ring op één plek door. 
  4. Bespreek hoe de ringen moeten liggen: wat is de goede volgorde? Welke komt naar voren en welke erachter?  Zorg dat de knip onder een andere ring terechtkomt, zodat je die niet ziet. Plak de ringen nog niet vast!  
  5. Knip de onderdelen van de sportfiguur uit. 
  6. Ieder legt de losse onderdelen rond/achter/voor/door zijn eigen ring in de vorm van een sporter. 
  7. Plak tot slot alle onderdelen vast. 
Werkstukken gemaakt door leerlingen van groep 8. 
De les is oorspronkelijk op dit blog gepubliceerd in 2010.  

woensdag 28 januari 2026

Lief! Voor Valentijnsdag in de stijl van Robert Indiana

Wat heb je nodig?
  • 4 stukjes tekenpapier 10 bij 10 cm
  • potlood
  • waterverf + penselen
  • pot water
  • fineliner 
  • gekleurd papier voor achtergrond
Over de kunstenaar
Robert Indiana (VS, 1928-2018) was een popart kunstschilder en beeldhouwer. In zijn beelden en schilderijen zien we letters, cijfers en taal: korte krachtige woorden gecombineerd met geometrische vormen.
Zijn bekendste werk is ongetwijfeld het beeld LOVE. Het bestaat uit vier gestapelde letters waarbij de O schuin staat. Het beeld staat o.a. in New York. 
Blogschrijfster in New York

Laat het beeld van Robert Indiana zien. Vertel de leerlingen dat ze een Indiana werkstuk gaan maken, maar in plaats van LOVE het Nederlandse woord LIEF gaan tekenen.
Wat moet je doen? 
  1. Teken in elk vak een hartje (of iets anders dat past bij het woord Lief).
  2. Teken daaroverheen een letter van het woord LIEF. Maak dikke letters die je kunt inkleuren. 
  3. Teken in de hartjes en letters patroontjes.
  4. Kleur in met waterverf. Zorg dat de letters goed zichtbaar blijven door de keuze van de kleuren. 
  5. Laat drogen. 
  6. Plak de velletjes op een gekleurde achtergrond.
  7. Omlijn patronen, letters en achtergrondfiguurtjes met zwarte fineliner.
Werkstukken gemaakt door leerlingen van groep 4. 
Beeldaspecten: kleur, vorm. 

dinsdag 27 januari 2026

HARTstikke roze

Wat heb je nodig?
  • wit tekenpapier A5
  • stukje karton
  • wasco
  • ecoline of vloeibare waterverf
  • penseel
Wat moet je doen?
  1. Vouw het tekenvel in vieren. 
  2. Vouw het karton dubbel en teken tegen de vouw een half hart.
  3. Knip het hart uit.
  4. Trek het hart in de vier vakken op het tekenpapier om met potlood. 
  5. Teken met wasco patronen in de harten: strepen, rondjes, vlekken enz.
  6. Teken ook patronen op de achtergrond.
  7. Beschilder het hele vel met ecoline/vloeibare waterverf. Daar waar wasco zit, zal de verf niet pakken. 

donderdag 22 januari 2026

Valentijnsharten - zoals Jim Dine

Valentijnsdag, dus hartjes! Roze, rood en wit zijn de basiskleuren voor deze les!

Jim Dine 
Jim Dine (1935, VS) is beeldhouwer en pop-art kunstenaar. Harten, stropdassen, ochtendjassen en gereedschappen zijn terugkerende thema's in zijn werk. Laat werken van Jim Dine en bespreek ze.

Wat heb je nodig? 
  • wit tekenpapier 20 bij 20 cm
  • fotokarton 10 bij 10 cm
  • liniaal en potlood
  • plakkaatverf + kwasten
  • waterverf + penselen
  • kleurpotloden 
  • viltstiften
  • pastelkrijt
  • oliepastel
  • restjes gekleurd papier, bv. crèpe- en vloeipapier, ribkarton, folie, vouwblaadjes.
  • plaksel
  • roze of rood papier voor de achtergrond
Organisatie
Verdeel de tekenmaterialen over verschillende plekken. Stimuleer leerlingen te experimenteren met de materialen. 
  • Wat gebeurt er als ik met waterverf over oliepastel ga? 
  • Kun je pastelkrijt en viltstift combineren? 
  • Hoe zorg ik dat mijn hart naar voren lijkt te komen? 
  • Wat gebeurt er als ik water op vloeipapier laat lopen? 
  • Met welke materialen breng ik textuur aan? 
Iedereen mag vrij door het lokaal en daar gaan zitten waar het materiaal van zijn/haar keuze ligt. De enige beperking is het aantal stoelen bij een groep: zijn ze allemaal bezet, dan kies je een ander materiaal.
 
Wat moet je doen?
  1. Verdeel het tekenvel in vier vakken van 10 bij 10 cm. 
  2. Vouw het stukje karton dubbel. Teken een half hart tegen de vouw en knip uit - dit is je mal. 
  3. Trek de mal om in de vier vakken van het tekenvel.
  4. Kleur de hartjes en de achtergronden. Gebruik zoveel mogelijk materialen en pas verschillende technieken toe. 
  5. Klaar? Plak de harten op een roze of rood ondervel.
Beeldaspecten: vorm, kleur, textuur, nuance.
Werkstukken gemaakt door leerlingen uit groep 7/8.