Posts tonen met het label sport. Alle posts tonen
Posts tonen met het label sport. Alle posts tonen

zaterdag 7 februari 2026

Sporter in beweging

Wat heb je nodig?

  • afbeelding silhouet van een sporter
  • gekleurd papier A4 
  • wit tekenpapier  A4
  • paperclips
  • schaar
  • snijmat en snijmesje
  • lijm
  • viltstift
Wat moet je doen?
1. Zoek een silhouet van een sporter in beweging en print uit.  
2. Leg drie kleuren papier op elkaar en daarop de print van de sporter. Maak de vier vellen aan elkaar vast met paperclips. 
3. Knip de sporter uit. Verplaats daarbij steeds de paperclips zodat de vier vellen goed op elkaar blijven. Gebruik een snijmesje voor stukjes waar je met de schaar niet bij kunt. 

4. Maak een compositie die beweging suggereert en plak de sporters op wit papier. 
5. Vul de achtergrond met patronen in viltstift.
Werkstukken gemaakt door leerlingen van groep 8.

donderdag 5 februari 2026

Olympische sporters

Wat heb je nodig?
  1. per groep een vel A1 tekenpapier A1
  2. ronde vouwkartons of knutselpapier in Olympische kleuren
  3. passer
  4. scharen en lijm
  5. kopie sportfiguur
Vooraf
Begin de les met het symbool van de Olympische Spelen: de gekleurde ringen. Welke kleuren hebben ze? Wat is de betekenis van de ringen? Hoe zijn ze door elkaar gevlochten?
Vraag enkele kinderen de houding van een sporter aan te nemen, bv. een schaatser of skiër. Bekijk en bespreek de houding: hoe is de stand van de benen, armen en lichaam? Wijzig de houding en kijk opnieuw goed.

Wat moet je doen?
  1. Je werkt in een groep van 5 leerlingen. Pak een groot tekenvel, vouwkartons in de kleuren van de ringen en 5 kopieën van de sportfiguur. 
  2. Overleg hoe groot jullie ringen worden en wie welke kleur heeft. Teken met de passer een ring en knip uit. 
  3. Knip de ring op één plek door. 
  4. Bespreek hoe de ringen moeten liggen: wat is de goede volgorde? Welke komt naar voren en welke erachter?  Zorg dat de knip onder een andere ring terechtkomt, zodat je die niet ziet. Plak de ringen nog niet vast!  
  5. Knip de onderdelen van de sportfiguur uit. 
  6. Ieder legt de losse onderdelen rond/achter/voor/door zijn eigen ring in de vorm van een sporter. 
  7. Plak tot slot alle onderdelen vast. 
Werkstukken gemaakt door leerlingen van groep 8. 
De les is oorspronkelijk op dit blog gepubliceerd in 2010.  

dinsdag 2 september 2025

Abstraheren kun je leren, net als Bart van der Leck


Over de kunstenaar
Bart van der Leck (1876-1958) was kunstschilder en vormgever. Met o.a. Theo van Doesburg, Piet Mondriaan en Gerrit Rietveld maakte hij deel uit van kunstbeweging De Stijl. De Stijl-kunstenaars zochten naar een nieuwe kunststijl die beter paste bij de toekomst.
Om tot zijn abstracte kunst te komen, past Van der Leck een proces toe dat hij 'doorbeelding' noemde. In verschillende stappen bracht hij een figuratieve voorstelling steeds verder terug tot vlakken en lijnen in rood, geel en blauw tegen een witte of grijze achtergrond. Hoewel werken van Mondriaan en Van der Leck misschien op elkaar lijken, is er toch een belangrijk verschil. Van der Leck werkt vanuit een figuratieve voorstelling die hij langzaam vereenvoudigt, terwijl Mondriaan direct vanuit abstractie werkt. 


De kunst van Van der Leck
Bekijk met de klas drie kunstwerken van Bart van der Leck zonder de titels te noemen: De Zaaier (1921), Compositie IV (1918) en Boerenmeisje met koe (1921). (i.v.m. copyright hier alleen de links naar de originelen.) 
Vraag leerlingen wat ze zien in deze werken. Wellicht komen ze niet direct op een zaaier, maar waarschijnlijk wel op een man die iets doet. Een wandelaar? Wat bedoelt Van der Leck dan met die rode blokjes? Zien ze de koe en het boerenmeisje? Hoe herken je de koe? En tot slot: wat zie je in Compositie IV? Dit is het meest abstracte werk en hierin zit geen duidelijke voorstelling; wellicht dat leerlingen wel iets zien? 

Vraag naar de overeenkomsten tussen deze werken: 
  • primaire kleuren + zwart
  • alleen rechte lijnen
  • witte achtergrond

Wat heb je nodig?

  1. actiefoto van een sporter
  2. zwart A4 papier en een half A4 wit
  3. restjes papier in rood, geel en blauw
  4. schaar en lijm 
Wat moet je doen?
  1. Zoek een foto van een sporter in actie en plak deze op zwart papier.
  2. Knip uit rood, blauw en geel strookjes en vierkantjes en leg deze in de vorm van de sporter op wit papier. Tevreden? Plak ze vast.
  3. Plak de blokjes-sporter en de foto-sporter op een zwart vel.  
Beeldaspecten: vorm, lijn, kleur.
Technieken: knippen en plakken. 
Kunstwerken gemaakt door leerlingen van groep 5. 

Moving around


Benodigdheden:
  1. wit tekenpapier A4 
  2. zwarte fineliners
  3. viltstiften in drie kleuren
  4. zwart knutselpapier als achtergrond
Instructie vooraf
Deze les draait om beweging. Vraag enkele leerlingen voor de klas ‘bevroren’ houdingen aannemen: rennen, juichen, bal vangen, knielen. De andere leerlingen tekenen deze houding op een kladblaadje. Hun figuur hoeft alleen te bestaan uit een rondje (hoofd) en strepen voor armen, romp en benen. Het gaat dus niet om het tekenen van goed lijkende mensen, maar om de houding: hoe buigt een been of arm?
Wat moet je doen?
  1. Teken met potlood poppetjes in beweging; alleen rondjes en streepjes. (zie detailfoto). Teken er zoveel mogelijk, maar laat ze niet overlappen. Laat je poppetjes ook van het vel afvallen, dan lijkt het een oneindige tekening! 
  2. Trek de figuurtjes over met fineliner.  
  3. Vul de vlakken tussen de poppetjes met drie kleuren viltstift, bv. alleen primaire of secundaire of drie nuances van één kleur. Laat rond de figuurtjes een randje wit. 
  4. Plak de tekening op zwart papier.

Tekeningen gemaakt door leerlingen van groep 8.
Beeldaspecten: ruimte, kleur, nuance. 

donderdag 15 september 2022

De mooiste voetbal!

WK-ballen, door leerlingen van groep 6

Benodigdheden:
  1. patroon voetbal
  2. liniaal
  3. zwarte potloden of stiften
  4. gekleurd papier voor achtergrond
  5. schaar
  6. lijm
Patroon voetbal (klik erop voor download)

Een voetbal heeft meestal de vorm van een afgeknotte icosaëder. Dit is een wiskundig figuur met 32 vlakken waarvan 20 zeshoekig en 12 vijfhoekig. De vijfhoeken zijn zwart, de zeshoeken wit. (Bron: Wikipedia)


Geef elke leerling een print van de half afgemaakte voetbal. Dit patroon moet eerst afgetekend worden. Dan worden alle vlakken versierd met patroontjes in zwart/wit. Bij hogere klassen kun je vragen om bij de vijfhoeken een zo donker mogelijk patroon te kiezen, en bij de zeshoeken een overwegend wit patroon.  
Knip de bal uit en plak deze op groen of oranje papier. 

donderdag 15 juli 2010

Ik en mijn iPod


Benodigdheden:
  1. tekenpapier op A4 formaat
  2. passer
  3. kleurpotloden
  4. zwarte afdrukken van breakdancers
  5. wit naaigaren
  6. restjes wit papier
  7. schaar
  8. snijmesje
  9. snijmat
  10. lijm
  11. gekleurd papier voor achtergrond
Na een dansproject maakte groep 7 deze breakdancers die, al luisterend naar hun iPod of iPhone, de prachtigste capriolen uithalen. Verdeel met potlood en liniaal het tekenvel over de lengte in 5 vakken. Goed uitmeten! Trek dan twee slingerende lijnen van boven naar beneden. Het vel is nu verdeeld in 15 vakken. Gebruik een passer om op de kruispunten van de lijnen cirkels te tekenen. Maak deze verschillend van grootte. Kleur nu alle vakken om en om in met twee kleuren. Werk van boven naar beneden, om vergissingen te voorkomen. Zoek op internet een plaatje met een zwarte afbeelding van een breakdancer, vergroot deze tot hij mooi op de tekening past en print hem uit. Knip en/of snijd de breakdancer uit en plak hem op de tekening. Knip uit een restje wit papier een rechthoekje en teken er een cirkel op. Dit is de iPod. Plak de iPod in de hand van de breakdancer. Knip twee piepkleine cirkeltjes, de oordopjes. Plak deze op het hoofd. Knip een stuk naaigaren af en maak hier een lus in. Knip de lus bovenaan door. Zie tekening. Plak de draad rondom de breakdancer, waarbij de twee losse stukjes naar de oren gaan en het lange stuk naar de iPod. Plak het werk tenslotte op een gekleurde ondergrond.

Door leerlingen van groep 7

maandag 8 juni 2009

Sporters en hun schaduw

Door Jara, groep 7
Benodigdheden:
  1. plaatje triplex op A4 formaat
  2. figuurzaag
  3. schuurpapier
  4. carbonpapier
  5. potlood
  6. sterke lijm
  7. zwart karton voor ondergrond
Zoek in een krant, tijdschrift of op internet een foto van een sporter in beweging. Let erop dat je, als je de foto in zwart zou afdrukken, goed kunt zien wat de sporter doet.
Leg carbonpapier met de zwarte kant naar beneden op je plankje. Leg daar de foto bovenop. Trek de buitenlijnen van de sporter om. Druk stevig, zodat het carbonpapier doordrukt.
Zaag de sporter uit en schuur de randjes glad. Schuur ook de randen van het gat in je plankje glad. Verf beide onderdelen in de kleuren die je mooi vindt. Vergeet de zijkantjes niet!
Plak je plank op een stuk karton en plak de uitgezaagde sporter er naast met wat ruimte ertussen. Je ziet nu een sporter met zijn eigen schaduw!

Door Teun, groep 7