woensdag 26 mei 2010

Verbonden visjes


Benodigdheden:
  1. tekenpapier op A4 formaat
  2. kleurpotloden
  3. zwarte fineliner
  4. waterverf
  5. penselen
Een opdracht die gemakkelijker lijkt dan hij was ...

Op een wit vel tekenen de leerlingen met een grijs potlood simpele vissen, slechts bestaand uit een staart en lijf. Zie voorbeeld. Enkele vissen moeten elkaar overlappen (beeldaspect: ruimte).
Vervolgens verbreed je de contourlijnen van de vissen tot ongeveer 1 cm. Teken en gum de overlappende vissen zo dat de lijnen om en om gaan: onder boven onder boven.
 Kleur de contourlijnen stevig in en kleur de binnenkant van de vis met dezelfde kleur dun in. Versier de vissen met een patroon (beeldaspect: vorm) in fineliner. Verf de achtergrond met verdunde waterverf blauw.

Variant: knip de getekende visjes uit. Maak een zeelandschapje op een blauw vel papier en plak de vissen ertussen.
Door Silke en Sjuul, groep 7

woensdag 19 mei 2010

Vlinders in de stijl van Peter Callesen

Benodigdheden:
  1. wit kopieerpapier (80 grams) op A4 formaat
  2. gekleurd papier voor achtergrond
  3. snijmesje
  4. snijmat
  5. schaar
  6. plaksel
Peter Callesen (geboren in 1967) is een Deense kunstenaar die kunstwerken knipt uit simpele vellen wit papier. Hij gebruikt het tweedimensionale vlak van het papier in combinatie met driedimensionale vormen. Deze 3D-vormen komen uit het vel papier omhoog of vallen eruit. Het knappe van zijn werk is dat hij niets toevoegt. De driedimensionale figuren die uit een achtergrond lijken te stappen, zijn gemaakt van diezelfde achtergrond.

Bekijk foto's van Callesens werk op zijn eigen website, http://www.petercallesen.com/ en bespreek deze met de klas. Bekijk vooral het werk 'Hunting', waarop een spin en vlinder te zien zijn. Dit werk vormt de basis voor deze les. Bespreek hoe deze vlinder nog vast zit aan de achtergrond. Zijn er nog andere mogelijkheden om een vlinder uit het papier te laten komen? Het lijf kan vastzitten, maar ook een deel van een vleugel. Door verschillende manieren te gebruiken, krijg je variatie in je werk.


Detailfoto: vlinder waarvan het lijf nog vastzit. 

Leerlingen schetsen een aantal vlinders op hun  papier. Laat hen niet te ingewikkelde vleugels tekenen, want de dieren moeten straks uitgesneden worden en dat is al lastig genoeg!
Geef in de tekeningen met bijvoorbeeld een dubbele lijn precies aan welke stukjes straks niet losgesneden moeten worden. Kies bij de verschillende vlinders voor meerdere opties, bv. het lijf vast laten zitten, of juist de punten van de onderste vleugels.
Snijd de vlinders voorzichtig los uit het papier. Pas goed op dat je de aangegeven 'vaste' delen niet los snijdt. Plak het werk op een gekleurde ondergrond, maar doe geen lijm achter de vlinders. Vouw de vlinders of vleugels iets omhoog, zodat ze goed van het papier loskomen en de achtergrond goed te zien is.

Door Debbie, groep 7

dinsdag 18 mei 2010

Op art in complementaire kleuren

Benodigdheden:
  1. tekenpapier van 14 bij 14 cm
  2. liniaal
  3. potlood
  4. stukje karton van 6 bij 6 cm
  5. viltstiften
  6. zwart papier voor achtergrond
  7. schaar
  8. lijm
Vertel in de inleiding bij deze les over primaire en secundaire kleuren.
Hoe maak je de secundaire kleuren? Welke kleuren moet je daarvoor mengen? Laat aan de hand van een afbeelding van de kleurencirkel zien dat complementaire kleuren in de kleurencirkel tegenover elkaar liggen: blauw en oranje, geel en paars, rood en groen.

Verdeel het tekenvel in vier vakken van 7 bij 7 cm. Knip een vorm uit een stukje karton en trek deze in elk vak om. Trek met potlood om de cm verticale lijnen in de vakken. Kleur de vormen en achtergronden van de vierkantjes om en om in met complementaire kleuren en één in zwart/wit.
Knip de vierkantjes los en plak ze met een cm tussenruimte op een zwart vel.

woensdag 12 mei 2010

Grote striphelden


Benodigdheden:
  1. wit tekenpapier op A3 formaat
  2. kleurpotloden of stiften
  3. plaksel en schaar
  4. gekleurd papier voor achtergrond
  5. liniaal en grijs potlood
  6. plaatje of kopie van stripfiguur op A6 formaat (ansichtkaart)
Stripfiguren zijn leuk om na te tekenen. Om ervoor te zorgen dat het dan ook echt goed lijkt, werken de leerlingen met een raster, zodat ze hun stripheld goed kunnen natekenen.

Vraag de leerlingen een plaatje van hun stripheld mee te nemen. Vergroot of verklein dit plaatje op de kopieermachine tot A6 formaat (ansichtkaartformaat).
Op dit plaatje trekken de leerlingen horizontale en verticale lijnen met een onderlinge afstand van 1 cm, zodat een raster ontstaat.
Op het A3 vel tekenen ze dit raster opnieuw, maar nu met blokken van 2 bij 2 cm. Denk eraan: zacht drukken op je potlood, zodat de lijnen zo licht mogelijk worden. Je moet ze maar net kunnen zien.

Vervolgens teken je de afbeelding van de kaart na op het grote vel. De blokken dienen nu ter ondersteuning, deze lijnen gum je weg als je klaar bent.
Kleur je tekening in met kleurpotlood of viltstift.  Trek de randen om met zwarte stift  en plak het werk op een bijpassende ondergrond.

Door leerlingen van groep 7.

zaterdag 1 mei 2010

Verborgen vlinders

Benodigdheden:
  1. wit tekenpapier op A4 formaat
  2. plakkaatverf
  3. kwasten
  4. papieren doekjes en potten water
  5. lijm en schaar
  6. wit papier als achtergrond
Op stevig wit tekenpapier schilderen de kinderen met een smalle kwast en witte verf grillige, elkaar kruisende lijnen, zodat er vlakken worden gevormd. Maak de vakken niet te klein, dat is lastig inkleuren later.

Kies twee kleuren verf en wit. Meng de verf tot verschillende kleuren en vul de vlakken daarmee. Verf niet verdunnen. Droog de kwast in een papieren handdoekje als hij gespoeld is.

Vouw een tweede tekenvel dubbel en teken tegen de vouw aan een of meer halve vlinders. Knip deze uit. Verf ze in dezelfde kleuren als de achtergrond, maar blijf daarbij een halve centimeter van de rand af zodat je een wit randje overhoudt. Trek met witte verf dunne lijntjes rondom het lijf van de vlinder en de versieringen als de verf voldoende aangedroogd is.

Plak de gekleurde achtergrond op een groter vel wit papier. Plak dan de vlinders op, waarbij je ook over de witte rand kunt gaan. Doe alleen lijm achter het lijf, zodat de vlinders iets van het papier gaan afstaan voor een ruimtelijk effect.


Door leerlingen van groep 5

maandag 26 april 2010

Als je haar maar goed zit!

Door Lotte en Floor, groep 8

Benodigdheden:
  1. tekenpapier op A4 formaat
  2. Oost-Indische inkt
  3. kroontjespennen
  4. tekenplankjes
  5. zwart papier
Vraag de kinderen een dag voor je deze tekenopdracht doet, iets extra's met hun haar te doen. Voor meisjes is dit misschien gemakkelijk, zij kunnen hun haar vlechten, opsteken, knotjes draaien enz. Maar ook jongens kunnen hun haar met gel in alle mogelijke vormen 'kleien'! Ter voorbereiding van de les laat je de kinderen oefenen in het tekenen met Oost-Indische inkt en een kroontjespen.

Om alle kinderen de achterkant van een ander te kunnen laten tekenen, moeten ze in een kring achter elkaar zitten. In het midden van de kring staan tafels om de inkt op te zetten. Voor kinderen die linkshandig zijn kun je er een kruk bij zetten voor het flesje inkt. Zie schema. De kinderen hebben een tekenplankje met het blaadje op hun schoot. Zie schema en foto.
Belangrijk bij deze opdracht is dat de kinderen geen contourlijn om het hoofd tekenen. De contouren van het hoofd worden gemaakt door middel van de haren!


Denk eraan dat de tekening in één les moet worden afgemaakt in verband met de gemaakte kapsels! Bij mij duurde de les anderhalf uur. Plak de tekeningen op een zwarte ondergrond.
Door Floor en Malou, groep 7

dinsdag 20 april 2010

Speciale skeletten?

Door leerlingen van groep 7
Benodigdheden
  1. wit tekenpapier A4 formaat
  2. zwart knutselkarton
  3. stanleymesje
  4. snijmat
  5. lijm
  6. schaar
Vouw een A-viertje in de lengte dubbel. Schrijf je naam op de vouwlijn in sierlijk koordschrift. Maak de letters breder, tot circa 1 cm breed.
Of: schrijf je naam met twee potloden tegelijk in je hand.
Knip/snijd de naam uit - pas op dat je de vouw niet doorknipt-, vouw de dubbele naam open en plak deze op een zwart vel papier. Draai een kwartslag.
Skelet? Marsmannetje? Of je naam in het Chinees?

maandag 19 april 2010

Draaien met cirkels, in de stijl van Frank Stella

Door Charmaine, groep 7
Benodigdheden
  1. wit A4 tekenpapier vierkant gesneden 21 bij 21 cm
  2. viltstiften of kleurpotloden
  3. vouwblaadjes 12 bij 12 cm
  4. gekleurd papier voor achtergrond
  5. passer
  6. lijm
Frank Stella (1936, VS) is vooral bekend om het gebruik van geometrische patronen en vormen in zijn werken. Deze werken maakte hij in de jaren '70 van de vorige eeuw. 

Bekijk zijn werk: Harran II en bespreek dit. 
 
De leerlingen tekenen  met passer delen van concentrische cirkels, waarbij ze moeten opletten dat het oog van de cirkels altijd aan de rand van het vel komt. Kleur de cirkels in met maximaal vijf kleuren (viltstift of kleurpotlood). Als de tekening klaar is, snijd je het vel in vier vierkanten van 10,5 bij 10,5 cm gesneden. Door te draaien met de vierkanten, kun je een mooie compositie maken.
Plak de vier losse stukken op gekleurde vouwblaadjes en plak deze dan weer op een ondergrond met een ruimte van 1,5 cm tussen de vouwblaadjes. 

Beeldaspecten in deze les: vorm, kleur.
Technieken: tekenen met een passer, kleuren met stift, snijden. 



Door leerlingen van groep 7


zaterdag 17 april 2010

In de stijl van Miró

Door Veerle en Meryem, groep 7
Benodigdheden:
  1. wit tekenpapier op A4 formaat
  2. viltstiften
  3. zwarte watervaste markeerstift
  4. gekleurd papier voor de achtergrond
Joan Miró's (Spanje, 1893-1983) werk omvat schilderijen, sculpturen, textiele werkvormen, theater en grote beelden. Miró is bekend om zijn originele vormen. Zijn schilderijen bevatten vele meestal speelse en kleurrijke organische vormen. In zijn werk zie je vooral de basiskleuren blauw, rood, zwart, groen en geel. De gekleurde heldere vlakken zijn omrand of doorsneden door zwarte lijnen. De onrealistische vormen, felle kleuren en lijnen doen sterk denken aan het werk van kinderen.

Terugkerende thema's zijn hemellichamen en ladders. Veel van de afbeeldingen op zijn schilderijen hebben ogen. Op deze manier zoekt het werk, dat natuurlijk het doel heeft aandacht te trekken, direct oogcontact met degene die er naar kijkt.

Laat werken van Miró zien. Bespreek wat opvalt: felle kleuren, veel ogen in het werk, vormen zijn omrand of doorsneden met zwarte lijnen, verschillende soorten lijnen, verschillende vormen. Bespreek het verschil tussen geometrische (vormen uit de wiskunde, zoals vierkant, cirkel, driehoek e.d.) en organische vormen (vormen uit de natuur, vrije vormen) en zet voorbeelden hiervan op het bord. Bespreek welke soorten lijnen (recht, hoekig of met rondingen) je kunt maken en zet deze ook op het bord.

De opdracht luidt: teken met watervaste stift een dier of mens op papier. Let op: niet eerst schetsen, maar direct tekenen met een marker! Je figuur moet bestaan uit organische èn/of geometrische vormen.
Verdeel grote vlakken in vormen of maak ze kleiner met verschillende lijnen.
Kleur je figuur in met felle kleuren. Versier de achtergrond ook met lijnen, ogen en ingekleurde vormen. Plak je werk tenslotte op een gekleurde achtergrond.

Door Sander en Charmaine, groep 7

zondag 11 april 2010

Patrijspoort

Door Selin, groep 4

Benodigdheden:
  1. wit tekenpapier op A4 formaat
  2. zwart knutselpapier
  3. passer
  4. viltstiften
  5. lijm
Stel je voor dat je een reisje mag maken in een onderzeeër... Je kijkt door de patrijspoorten en je ziet wat zich op de bodem van de zee afspeelt. Vissen, zeepaardjes, dolfijnen, wat zie je allemaal? Misschien zelfs wel een schatkist, gevuld met gouden munten!

Maak een onderzee-tekening en kleur deze in met viltstift. Omlijn alles met een zwarte stift.
Kies het mooiste stukje van je tekening uit en trek er een cirkel omheen van 15 cm. Knip deze uit. (beeldaspect ruimte: focus).
Teken op het zwarte papier een cirkel van 17 cm en knip deze uit. Plak je tekening op de zwarte cirkel. Teken de schroeven rondom de patrijspoort met een zilver- of goudkleurige stift.