woensdag 30 december 2009

Hollandse schaatspret

Door Brittany, groep 8
Benodigdheden:
  1. lichtblauw en wit papier
  2. donker transparant glanzend papier of sitspapier
  3. plakstift
  4. schaar
  5. meel
  6. kleurpotloden
Prachtige plaatjes van Hollandse landschappen en schaatsers op bevroren plassen vormen het beeldmateriaal bij deze les. Laat winterse foto's zien en bespreek ze. 
Neem een vel lichtblauw papier plak er iets onder het midden donker transparant papier of sitspapier op. Dit is het ijs. Plak hier overheen een vel wit papier waaruit een cirkel is geknipt. Maak de witte vegen op het ijs: trek strepen met een plakstift en strooi er wat meel. Teken boven het ijs een Nederlands landschap.
Teken op een apart vel schaatsers en kleur die stevig in met vrolijke kleurtjes. Knip de schaatsers uit en plak ze op het ijs.

woensdag 16 december 2009

Knip(kunst)kerstboom

Benodigdheden:
  1. groen, wit en rood papier op A4 formaat
  2. schaar
  3. plaksel
Wat moet je doen?
Dit stappenplan kunnen leerlingen ook zelfstandig volgen en is zo tevens een les begrijpend lezen. 
  1. Leg het rode en witte vel op elkaar en vouw ze tegelijk over de lengte dubbel. 
  2. Teken een halve kerstboom tegen de vouw en knip uit. Je hebt nu een rode en witte boom.  
  3. Vouw de bomen open; leg de rode even aan de kant. 
  4. Vouw de witte boom weer dicht en knip langs de randen een smal stukje weg. Knip in de witte boom vanaf de vouw patroontjes naar de takken toe. 
  5. Vouw weer open en plak de witte boom op de rode boom. 
  6. Plak het geheel op het groene vel.

woensdag 9 december 2009

Kubistische kerstboom


Benodigdheden:
  1. wit tekenpapier op A4 formaat
  2. liniaal
  3. plakkaatverf: blauw, rood, geel, wit
  4. kwasten
  5. goud- en zilverkleurige markeerstift
Teken een grote pagina vullende driehoek. Meet af vanuit de middenlijn van het vel. Trek met de liniaal schuine lijnen over het hele tekenvel: van boven naar beneden, van links naar rechts, van boven naar de zijkanten enz.
Kleur de boomvlakken in met groentinten (zelf mengen!) en de achtergrond met warme mengkleuren. Werk samen door elkaars gemengde kleuren te gebruiken.
Als alles droog is, trek je de lijnen binnen de boom met een zilverkleurige markeerstift over en de lijnen buiten de boom met goudkleurige stift.

Beeldaspecten: vorm, lijn, kleur, nuance.
Technieken: werken met een liniaal, tekenen van geometrische vormen, mengen van kleuren en daarin nuance aanbrengen, schilderen, omlijnen.
 

zondag 6 december 2009

Glas in lood raam in Mondriaanstijl voor Kerst


Wat heb je nodig?
  1. zwart knutselpapier 
  2. vloeipapier in rood, groen en wit
  3. passer
  4. wit potlood
  5. liniaal
  6. snijmesje
  7. snijmat
  8. lijm
Vooraf
Laat foto's van glas-in-loodramen zien. Waar vind je dit soort ramen? Hoe werden ze gemaakt? Laat modern werk van Mondriaan zien. Welke kleuren gebruikte hij? Welke vormen zie je?
De leerlingen maken een glas-in-lood raam van papier; in de stijl van Mondriaan, maar in kleuren die passen bij Kerstmis.



Wat moet je doen?
  1. Bedenk eerst welke vorm je wilt: vierkant of rond. Voor een ronde vorm trek je met een passer een zo groot mogelijke cirkel op het papier. Trek  dan nog een cirkel op 1,5 cm afstand van de buitenste. Dit is het frame van het raam.
  2. Wil je een vierkant raam, teken dan een kader op 1,5 cm van de buitenranden. 
  3. Teken vierkanten en rechthoeken binnen het frame. Gebruik een wit potlood en een liniaal. Zorg dat de lijnen 1 cm breed worden. 
  4. Zet kruisjes in de vakken die je moet uitsnijden. 
  5. Leg het werk op een snijmat en snijd de afgekruiste vakken uit met een snijmesje. Gebruik een liniaal!
  6. Als je klaar bent, gebruik je het raamwerk als mal voor het vloeipapier. Leg het raampje op het vloeipapier en trek een rechthoek om. Knip het uit met 0,5 cm extra aan alle kanten; dit is je plakstrook. Plak de stukjes vloeipapier achter het raampje terwijl je erop let dat je de kleuren afwisselt.
Beeldaspecten: vorm, lijn, kleur.
Technieken: snijden, knippen+plakken, werken met een liniaal. 

woensdag 25 november 2009

Bomen blazen

Benodigdheden
  1. wit tekenpapier op A4 formaat
  2. waterverf
  3. plakkaatverf
  4. Oost-Indische inkt
  5. wattenstaafjes
  6. rietjes
Oefen het blazen van de inktdruppels eerst op een restje papier! Neem hiervoor wel glad tekenpapier, want echt kladpapier zuigt te sterk.

Laat een druppel Oost-Indische inkt op ongeveer een derde van onderaf op je tekenvel vallen. Blaas met een rietje de druppel omhoog en schuin naar opzij zodat je een boom ziet ontstaan. Hard blazen, want de dikke takken kunnen dan steeds verder vertakken!
Herhaal dit twee keer, zodat je drie bomen op je tekenvel hebt. De takken mogen door elkaar lopen (overlapping), dit is in het echt immers ook zo.
Laat de inkt goed drogen. Teken een horizonlijn en schilder met waterverf de grond en lucht. Je kunt voorzichtig over de bomen verven, want de inkt zal weinig vlekken als hij goed droog is. Laat ook dit weer goed drogen.
Met onverdunde plakkaatverf en een wattenstaafje stempel je de herfstblaadjes aan de takken en op de grond en in de lucht (vallend blad). Dichtbij de boom veel blaadjes, verder van de boom af minder blaadjes. Plak tenslotte het werk op een zwarte achtergrond.

Beeldaspecten in deze les: ruimte (overlapping).
Technieken: verf blazen, schilderen, stempelen.

dinsdag 10 november 2009

Explosie in de glasfabriek


Met deze les kun je het ontstaan en de achterliggende gedachte van abstracte kunst uitleggen. De bomenschilderijen van Piet Mondriaan laten de ontwikkeling van een realistisch en figuratief schilderij naar een abstract werk mooi zien. De rode boom van 1908 is een realistisch werk. Mondriaan schilderde wat hij zag.


In De grijze boom (1911) zie je hier beeldelementen verschijnen die met de echte boom niets meer te maken hebben. Tussen de krans van takken zijn lijnen en vegen geschilderd waarmee de kunstenaar niets natuurlijks meer lijkt te willen aanduiden. Het is zijn bedoeling je blik door de compositie te sturen. Behalve beweging heeft de voorstelling zo ook een nieuw evenwicht gekregen. Het gekronkel van de twijgen wordt door tegenkrommingen, zigzagjes en andersoortige verfhalen mooi uitgebalanceerd. De lijnen en vegen van de Grijze boom staan los van de waarneming en vormen een eigen beeld.

In 1912, een jaar later, ging hij nog een stap verder. Toen schilderde hij een ‘Bloeiende appelboom’ die je amper meer kunt herkennen. Dat lukt alleen nog als je hem samen met de vorige voorbeelden bekijkt.
(bron tekst: Digischool)

Benodigdheden:
  1. zwart knutselpapier op A4 formaat
  2. scharen en plaksel
  3. gekleurd papier
  4. liniaal en potlood
Leerlingen trekken halverwege hun zwarte vel een potloodlijn. Uit dubbel gekleurd papier knippen ze drie of vier flessen of vazen. Van elk tweetal flessen wordt er een op de bovenste helft van het zwarte papier geplakt, overlapping mag.
De tweede versie van de flessen wordt in stukjes geknipt en op de onderste helft van het zwarte papier geplakt, alsof er een explosie in de fabriek heeft plaatsgevonden!

Beeldaspecten in deze les: ruimte (overlapping), vorm.
Technieken: knippen en plakken.
Beeldende begrippen: abstract, figuratief, realistisch. 

Door leerlingen van groep 5

maandag 9 november 2009

De langste lijn

Benodigdheden:
  1. wit tekenpapier van 15 bij 15 cm
  2. zwarte fineliner
  3. viltstiften
Kies een hoek waarin je langste lijn begint. Teken een lijn met hoeken, bochten, punten enz. Teken het hele papier vol en neem je pen niet van het papier af. Let op: de lijn mag zichzelf nergens raken of doorkruisen. En, heel belangrijk: de lijn moet eindigen op het punt waar hij begon. Zorg er dus voor dat je op tijd weer terug bent bij het beginpunt! Als je klaar bent, teken je met potlood drie of vier geometrische vormen. Kleur vervolgens de vlakken die in deze vormen zijn ontstaan in met drie kleuren viltstift. Omlijn de figuren met zwarte fineliner.

dinsdag 3 november 2009

Groeten uit ... Holland!

En dit is ook Nederland! Hoewel, meestal is de weg voller ....

Benodigdheden:
  1. tekenpapier van 20 bij 10 cm
  2. potlood
  3. viltstiften
  4. fineliner
  5. liniaal
Trek een horizonlijn op ongeveer 2 cm vanaf de bovenkant van het papier. Zet in het midden een stip, dit is het verdwijnpunt. Trek vanaf de onderkant en zijkanten met potlood zes dunne lijnen naar deze stip. Dit zijn de stroken van de snelweg. Kleur de stroken in met grijs, en laat daarbij witte strepen vrij die de markering tussen de rijbanen aangeven. Trek naast de snelweg meer schuine lijnen naar het verdwijnpunt. Dit zijn de akkers. Kleur ze in met gewassen. Kleur de lucht. Teken met een zwarte fineliner een stadsgezicht van huizen en flatgebouwen. Kleur deze gebouwen zwart en grijs (voor de verder weg liggende gebouwen) in. Tezamen met het resultaat van de les Naar de bollen kun je van deze twee tekeningen een mooie ansichtkaart maken!

zondag 1 november 2009

Zoekplaatje

Waterverf en fineliner voor zachtere kleuren
Benodigdheden
  1. wit tekenpapier A4 formaat
  2. waterverf of plakkaatverf
  3. penselen
  4. potjes water
  5. zwarte stift
Beschilder een vel tekenpapier met zoveel mogelijk vlekken. Laat dit goed drogen. Zoek dan in de vlekken figuren: mensen, dieren of andere dingen. Hiervoor moet je je goed fixeren op een vlek en dan je creativiteit de vrije loop laten. Is die rare uitstulping een neus, of misschien juist een staart van een dier?
Trek met een dunne zwarte stift de vlekken om en teken er details in zodat de figuren herkenbaar worden. Pas op: niet (of zo min mogelijk) buiten de vlek tekenen. Plak het werk op een gekleurde ondergrond.

Beeldaspecten die in deze les aan de orde komen: vorm, lijn.
Techniek: schilderen met waterverf, omlijnen.

Plakkaatverf en zwarte viltstift voor fellere kleuren, door Brittany groep 8

woensdag 28 oktober 2009

In de stijl van René Magritte

Door Ellen, groep 8
Benodigdheden:
  1. wit tekenpapier op A3 formaat
  2. potlood
  3. plakkaatverf
  4. kwasten
René Magritte
Rene Magritte wordt geboren in 1898 in België. Als hij 13 is, pleegt zijn moeder zelfmoord. Ze springt in de Samber en wordt later gevonden, haar gezicht bedekt met haar jurk. Volgens sommigen heeft deze trieste gebeurtenis grote invloed gehad op het leven en werk van Magritte. Bedekte gezichten zijn regelmatig door hem geschilderd. 
 In 1924 raakt Magritte bevriend met leden van de Brusselse surrealisme groep: André Breton, Joan Miró en Salvador Dalí. Zij beïnvloeden hem en zijn werk; uiteindelijk is Magritte beroemd geworden met schilderijen die surrealistisch van aard zijn. 
Magritte gaf in zijn schilderijen een realistisch effect weer van het surrealisme: voorwerpen, zoals een schoen, appel of pijp,  haalde hij uit hun gewone omgeving en plaatste ze in een aparte atmosfeer.
Een van zijn bekendste werken is 'Het verraad van de voorstelling', een realistisch schilderij van een pijp met daaronder de tekst Ceci n'est pas une pipe. Hij bedoelt hiermee dat de pijp die hij schildert geen echte pijp is, maar gewoon een met verf beschilderd doek dat wij schilderij noemen. Door de kijker op het verkeerde been te zetten, dwingt Magritte ons over kunst na te denken. Magritte vond het de taak van de kunstschilder om de realiteit in een ander kader te plaatsen.
 
Magritte museum, Brussel

Door Nikki, groep 8

Aan het werk 
Bespreek het werk van Magritte en de term surrealisme.  Laat leerlingen  verwoorden waaraan je surrealistische schilderijen kunt herkennen. Laat als tegenhanger enkele realistische schilderijen zien.
Toon dan een afbeelding van 'The son of man', het schilderij van de man met de appel voor zijn gezicht. Vertel dat we een schilderij in de stijl van Magritte gaan maken.

Op stevig wit papier schetsen leerlingen een portret, net als Magritte deed bij The son of man. In plaats van een appel kiezen ze een eigentijds voorwerp waarmee ze het gezicht bedekken (overlapping). Het voorwerp moet wel in de juiste verhouding tot het gezicht staan. Een piano of euromunt kunnen dus niet! Wel een mobiele telefoon, een pakje kauwgum o.i.d.
Schilder het werk met plakkaatverf. Breng nuance in het haar door meerdere kleuren aan je kwast te doen. Indien nodig kun je het voorwerp voor het gezicht nog omlijnen  met een fineliner.

Beeldaspecten: ruimte (overlapping), nuance (meerdere kleuren aan kwast).
Technieken: tekenen van een portret, schilderen, kleuren mengen.