dinsdag 25 augustus 2009

Je naam ingekaderd

Door leerlingen van groep 7

Benodigdheden:
  1. wit tekenpapier op A4 formaat
  2. watervaste stift
  3. wasco
  4. zwart papier als achtergrond
Met de letters van je eigen naam kun je leuke dingen doen!
In deze les krijgen de kinderen een vel tekenpapier waarop ze eerst over de breedte vier schuine hulplijnen zetten zodat er vijf vakken ontstaan. Binnen de vakken schrijven ze hun naam in hoofdletters, waarbij de boven– en onderkant van de letters de lijnen moeten raken. Door de schuinte van de vakken, worden de letters ook schuin en lijkt het alsof de naam wegloopt (beeldaspect: ruimte).
Kleur de letters  met watervaste zwarte stift. Kleur dan de vakken ingekleurd met wascokrijtjes en plak je werk op een zwarte ondergrond geplakt.
Kinderen met een hele korte naam, kunnen er voor kiezen om nog een verticale lijn over hun tekenvel te zetten. In plaats van vijf vakken, krijgen ze er dan tien. Zie onderstaand werkstuk van Noa.

zondag 12 juli 2009

Gave graffiti


Door leerlingen van groep 8

Benodigdheden
  1. Grijs papier op A4 formaat of iets groter
  2. Wasco
  3. Wit stencilpapier
  4. Viltstiften
  5. Schaar, lijm
Graffiti is het spuiten van woorden, kreten of afbeeldingen op muren/gebouwen.

Alle leerlingen krijgen een grijs vel papier, de ondergrond. Verder krijgen ze een paar witte stencilblaadjes. Met wasco 'rubben' ze stenen over van een muur (beeldaspect: textuur).


Hieruit knip je de bakstenen. Plak ze op de grijze ondergrond geplakt en houd rekening met de metselverbanden.  
Op een nieuw wit vel ontwerpen je je eigen naam in mooie grote letters. Kleur in  met felle kleurtjes viltstift en knip of snijd de naam uit. Plak dit op de muur.


Natuurlijk kun je ook kiezen voor iets anders als de eigen naam. Kreten als Chill Out, The Bomb of Crime deden het in mijn klas ook goed! Ook kun je kiezen voor namen van voetbalclubs of muziekhelden. 
Door leerlingen van groep 7

zondag 5 juli 2009

Op art in de stijl van Victor Vasarely

Door Jetse, groep 8

Victor Vasarely was een Frans-Hongaarse kunstenaar en een van de belangrijkste vertegenwoordigers van de Op-art. Vasarely studeerde medicijnen in Boedapest en vertrok in 1930 vertrok naar Parijs om als decorateur en reclametekenaar te gaan werken. Hij ontwikkelde een systeem waarin hij voorwerpen uit het dagelijks leven abstraheerde.
Vasarely werd een van de leidende figuren van de geometrische abstracte schilderkunst, ook wel Op-art genoemd. Op-art werd in de 60er jaren vooral in Europa en Amerika bekend. Gewoonlijk werkte Vasarely in zwart-wit, latere werken hebben ook kleur. Bedenk dat Vasarely niet met een computer werkte!
Op-art is een afkorting van 'optical art' ofwel 'optische kunst'. De kunstenaar speelt een spelletje met de kijker door beelden te creëren die lijken te bewegen. Hoewel het kunstwerk zelf statisch is, veroorzaken de gebruikte lijnen, vormen en kleuren een optische illusie van beweging. Bij het bekijken van opart kan de reactie van de kijker erg heftig zijn; je kunt je draaierig of gedesoriënteerd voelen.

 Benodigdheden
  1. wit A4 tekenpapier vierkant gesneden 21 bij 21 cm
  2. viltstiften
  3. liniaal en potlood
  4. houtskool
  5. gekleurd papier voor de achtergrond
Laat werken van Vasarely zien. Wat zie je? Herken je het gezichtsbedrog? Komt het voorwerp echt uit de achtergrond? Welke kleuren en vormen zijn gebruikt? Hoe is de optische illusie tot stand gekomen? Waar zie je schaduw? Van welke kant komt dan het licht?

De leerlingen gaan een op-art werkstuk maken in de stijl van Vasarely.
Trek een ronde vorm (schoteltje, bloempot o.i.d.) om op je tekenvel. In deze vorm trek je van boven naar beneden en van links naar rechts gebogen lijnen die de buitenrand van de cirkel volgen. De lijnen mogen elkaar nergens raken. Hoe groter de bolling, hoe groter het effect.
Verdeel dan de achtergrond met potlood in hokjes van 1,5 bij 1,5 cm. Kleur alle hokjes om en om in met naar keuze twee kleuren of één kleur en wit. Om de diepte meer te accenturen, teken je met  houtskool een schaduwvlek aan een kant van de bol.

Het tekenen van een raster bleek voor de leerlingen een ware uitdaging. Hoe meet je het raster goed uit? Hoe zorg je ervoor dat de lijnen recht zijn en parallel lopen? Hoe houd je de liniaal vast als je er met potlood langstrekt etc. (Uh ... hoezo moet ik op het midden van de liniaal drukken en niet aan het eind? 😉
Door Marrit, groep 8

zaterdag 4 juli 2009

Maffe apen

 

Benodigdheden
  1. wit tekenpapier op A4 formaat
  2. kleurpotloden
  3. plaksel en scharen
  4. groen of geel papier voor achtergrond
Om apen moeten we bijna altijd lachen, misschien wel omdat ze zo op ons lijken!
In deze les gaan we apen tekenen, en we voegen er nog extra grappige accenten aan toe.
Bekijk eerst foto’s van apen. Hoe zien ze eruit—lengte van armen en benen, hoe zit het hoofd op de romp, hoe ziet het gezicht eruit enz.
De leerlingen krijgen een wit vel tekenpapier en trekken met potlood een kader op 2 cm van de rand .  De opdracht luidt: teken een hangende aap waaraan je twee à drie grappige dingen toevoegt. Voorbeelden: een mobieltje, een kledingstuk, een sieraad, een beugel etc.
Teken de aap zo groot mogelijk, maar blijf wel binnen het kader.
Teken daarna een oerwoudachtige achtergrond: slingerplanten, grote varens, takken, boomstammen, grote bladeren, vruchten. Laat een enkele tak of blad buiten het kader uitsteken. Kleur de tekening in met kleurpotlood in natuurlijke kleuren. Zorg dat het gehele vel is ingekleurd, er mag geen wit meer te zien zijn. Knip ten slotte je tekening uit (pas op de uitstekende delen!) en plak hem op een geel of groene ondergrond.

zondag 14 juni 2009

Verborgen vlinders

Benodigdheden
  1. wit tekenpapier op A4 formaat
  2. plakkaatverf
  3. kwasten
  4. papieren doekjes en potten water
  5. lijm en schaar
  6. gekleurd papier als achtergrond
Op stevig wit tekenpapier schilderen de leerlingen met een smalle kwast witte glooiende lijnen om zo vlakken te vormen. Niet te kleine vlakken maken, dat is lastig inkleuren later. Vul de vlakken met één kleur in verschillende nuances: kleur + wit. Leg goed uit dat je bij het maken van kleurnuances altijd begint met de lichtste kleur. Dus: wil je roze maken, begin dan met wit en voeg een druppel rood toe.
In onderstaand voorbeeld is gekozen voor rood en blauw en wit, waarmee allerlei roze– en paarsvarianten ontstaan.
Leg uit dat zede verf niet verdund mag worden omdat je anders te waterige kleuren krijgt. Maak daarom ook de kwast goed droog nadat die gespoeld is.
Vouw een tweede tekenvel dubbel en teken tegen de vouw aan een of meer halve vlinders. Knip deze uit. Verf ze in dezelfde kleuren als de achtergrond, maar blijf daarbij een halve centimeter van de rand af zodat je een wit randje overhoudt. Trek met witte verf dunne lijntjes rondom het lijf van de vlinder en de versieringen als de verf voldoende aangedroogd is.
Plak de gekleurde achtergrond op een groter vel wit papier. Plak dan de vlinders op, waarbij je ook over de witte rand kunt gaan. Doe alle en lijm achter het lijf, zodat de vlinders iets van het papier gaan afstaan voor een ruimtelijk effect.

dinsdag 9 juni 2009

Linodruk in zwart en wit


Benodigdheden:
  1. twee stukjes linoleum van 10 bij 10 cm
  2. gutsjes
  3. blokprint
  4. drukpers
  5. verfroller
  6. glasplaat of plastic plaat om verf uit te rollen
  7. papier om op te drukken (neem ruw papier, zodat de verf goed intrekt)
  8. drukpers
Voor dit werkstuk heb je twee vierkante stukjes linoleum nodig. Hierop teken je simpele patronen of eenvoudige figuurtjes (beeldaspect: vorm).
Snijd bij het eerste linostukje de figuurtjes uit en laat de achtergrond staan (negatieve druk).
Snijd bij het tweede linostukje de achtergrond weg en laat de figuurtjes staan (positieve druk).
Druk beide werken meerdere keren af in zwarte inkt op wit papier en in witte inkt op zwart papier. Kies de beste drukken uit. Plak de witte druksels die op zwart zijn gedrukt, op een vel wit papier. Plak de zwarte druksels die op wit papier zijn gedrukt op een groter zwart vel. Plak vervolgens het zwarte en witte vel aan elkaar. Een echt kunstwerk!

maandag 8 juni 2009

Sporters en hun schaduw

Door Jara, groep 7
Benodigdheden:
  1. plaatje triplex op A4 formaat
  2. figuurzaag
  3. schuurpapier
  4. carbonpapier
  5. potlood
  6. sterke lijm
  7. zwart karton voor ondergrond
Zoek in een krant, tijdschrift of op internet een foto van een sporter in beweging. Let erop dat je, als je de foto in zwart zou afdrukken, goed kunt zien wat de sporter doet.
Leg carbonpapier met de zwarte kant naar beneden op je plankje. Leg daar de foto bovenop. Trek de buitenlijnen van de sporter om. Druk stevig, zodat het carbonpapier doordrukt.
Zaag de sporter uit en schuur de randjes glad. Schuur ook de randen van het gat in je plankje glad. Verf beide onderdelen in de kleuren die je mooi vindt. Vergeet de zijkantjes niet!
Plak je plank op een stuk karton en plak de uitgezaagde sporter er naast met wat ruimte ertussen. Je ziet nu een sporter met zijn eigen schaduw!

Door Teun, groep 7

donderdag 4 juni 2009

Diersilhouet op vacht

Door Kim, groep 7
Benodigdheden
  1. wit tekenpapier op A3 formaat
  2. plakkaatverf en kwasten
  3. foto’s van dierenvachten en zij-aanzichten van de bijbehorende dieren
  4. zwart papier
  5. lijm en schaar
Voor deze opdracht zoeken de leerlingen via internet eerst naar foto’s van de vacht van dieren en printen deze uit in kleur. Op een tekenvel schilderen ze de vacht zo natuurgetrouw na.
Als het vel ligt te drogen, zoeken ze een afbeelding van het dier waarvan ze zojuist de vacht hebben geschilderd. Het moet een zij-aanzicht zijn. De afbeelding wordt uitgeprint en vervolgens op het kopieerapparaat zo vergroot dat het dier groot op de schildering komt.
Leg deze foto op zwart papier en plak het met plakbandjes vast of zet het vast met paperclips. Knip vervolgens precies langs de buitenlijnen van de afbeelding, waarbij het zwarte papier dus meegeknipt wordt. Plak het silhouet op het schilderij.
Met deze les leren de leerlingen wat een negatieve voorstelling is (beeldaspect: ruimte). De achtergrond is hier positief, het dier is negatief.
Tip: kies bij dieren met een zwart-witte vacht, zoals zebra’s of koeien, een andere kleur voor het silhouet, omdat anders het dier in de vacht lijkt te ‘verdwijnen’.

woensdag 3 juni 2009

Groeiend landschap

Benodigdheden
  1. tekenpapier op A3 formaat
  2. plakkaatverf
  3. kwasten en potten water
  4. afbeeldingen (of delen ervan) van landschappen
Een klein stukje uit een foto van een landschap, of een complete foto van een landschap is de basis voor dit schilderij. Plak het stukje op een plek van een tekenvel en schilder verder zoals jij denkt dat het landschap er uit ziet. Een mixles van waarneming en voorstelling.
Beeldaspecten: ruimte (diepte) en kleur (mengen van kleuren die aansluiten op de foto).

Door Tanita, groep 8

dinsdag 2 juni 2009

Zo trots als een pauw

Benodigdheden
  1. wit tekenpapier op A4 formaat
  2. oliepastelkrijtjes
  3. ecoline/vloeibare waterverf
  4. kwasten
  5. gekleurd papier voor achtergrond
Mannetjespauwen vallen op door hun lange sleep, bestaande uit lange staartdekveren, die aan het uiteinde een pauwenoog hebben. De sleep bestaat uit zo'n 150 kleurige veren. Als de haan zijn sleep opzet om een wijfje te veroveren, zijn deze veren het duidelijkst te zien.
Bekijk foto’s van pauwen en probeer via bv. de kinderboerderij aan pauwenveren te komen. Waaraan herken je een pauw? Hoe ziet zijn lijf eruit? En zijn kop? Wat zie je op de kop? Bekijk de veren en bespreek wat opvalt. Hoe ziet het oog in de veer eruit? Welke kleuren zie je?

Met potlood maken de leerlingen een grove schets van het lijf en de kop van de pauw. Het is niet nodig alle staartveren te schetsen, die kunnen straks direct met oliepastelkrijtjes worden getekend. Kleur de pauw in met oliepastel.
Als de tekening klaar is, verf je de achtergrond lichtblauw met verdunde ecoline of vloeibare waterverf. Daar waar krijt zit, zal de ecoline niet hechten. Plak het werk tenslotte op een achtergrond van blauw of groen papier.

Door leerlingen van groep 7