Wat heb je nodig?
- tekenpapier in vierkant gesneden
- waterverf
- penselen
- potten met water
- dikke zwarte stiften
Instructie
Bespreek aan de hand van de kleurencirkel wat warme en koude kleuren zijn.
Wat moet je doen?
- Vouw het tekenvel in vieren.
- Teken een cirkel met een passer of leg een schotel in het midden en trek om.
- Schets een zonnig gezicht: ogen (iets boven het midden), neus, mond, wimpers, wenkbrauwen.
- Teken zonnestralen rond het gezicht.
- Verf de vier vlakken van het gezicht in verschillende warme kleuren.
- Verf de onderdelen van het gezicht ook in warme kleuren.
- Verf de achtergrond in verschillende koude kleuren.
- Laat drogen.
-
Trek alle onderdelen om met dikke zwarte stift.
- Trek de vouwlijnen over met zwarte stift.
Werkstukken van leerlingen uit groep 7 en 8.



+(Medium).jpg)


.jpg)
.jpg)