- wit tekenpapier 20 bij 20 cm
- stukje fotokarton 10 bij 10 cm
- liniaal en potlood
- plakkaatverf + kwasten
- waterverf + penselen
- kleurpotloden
- viltstiften
- pastelkrijt
- oliepastel
- restjes gekleurd papier, bv. crèpe- en vloeipapier, ribkarton, folie, vouwblaadjes.
- plaksel
- roze of rood papier voor de achtergrond
Verdeel de tekenmaterialen over verschillende plekken. Stimuleer leerlingen te experimenteren met de materialen. Wat gebeurt er als ik met waterverf over oliepastel ga? Kun je pastelkrijt en viltstift combineren? Hoe zorg ik dat mijn hart naar voren lijkt te komen? Wat gebeurt er als ik water op vloeipapier laat lopen? Met welke materialen breng ik textuur aan?
Wat moet je doen?
- Verdeel het tekenvel in vier vakken van 10 bij 10 cm.
- Vouw het fotokarton dubbel. Teken een half hart tegen de vouw en knip dit uit - dit is je mal.
- Trek de mal om in de vier vakken van het tekenvel.
- Kleur de hartjes en de achtergronden. Gebruik zoveel mogelijk materialen en pas verschillende technieken toe.
- Klaar? Plak de harten op een roze of rood ondervel.
.jpg)
.jpg)

.jpg)
.jpg)





.jpg)
.jpg)

.jpg)

.jpg)


.jpg)
.jpg)
.jpg)
