maandag 31 mei 2010

Persoonlijke portfoliomap

Persoonlijke portfoliomap van Daan, groep 8

Benodigdheden:
  1. portfoliomap
  2. wit tekenpapier op A4 formaat
  3. potlood
  4. gum
  5. passer
  6. ecoline
  7. rietje
  8. schaar
  9. plaksel
  10. restjes papier
  11. viltstiften
  12. watervaste zwarte fineliner
  13. splitpen
Aan het eind van groep 8 krijgen de leerlingen op onze school een portfoliomap mee met alle tekeningen die ze dat jaar hebben gemaakt. Natuurlijk moeten de saaie grijze mappen nog persoonlijke mappen worden. In het kader van het naderende afscheid hebben we er daarom een soort herinneringsmedaille op gemaakt.
Neem een vel wit tekenpapier, een rietje en enkele kleurtjes lichte ecoline. Laat een druppel ecoline op het blad vallen en blaas deze over het tekenvel. Herhaal dit met andere kleurtjes ecoline naar keuze. Laat het blad vervolgens goed drogen.

Leg het vel op een krant. Zoek het middelpunt en zet er een passer in. Trek met de passer concentrische cirkels met steeds een centimeter ruimte ertussen. Maak van deze cirkels met behulp van potlood en gum een spiraal. Hiervoor gum je een stukje van cirkel 1 weg en maakt een schuine verbinding met cirkel 2. Ga hiermee door tot de spiraal klaar is.

Schrijf met een watervaste zwarte fineliner woorden in de spiraal die je doen denken aan de basisschoolperiode. Denk aan vakken, activiteiten, meesters en juffen, medeleerlingen, leuke en minder leuke dingen. Schrijf zo lang door tot de spiraal vol is.

Detail volgeschreven spiraal

Knip de spiraal rondom uit. Teken met de passer op gekleurd papier een rondje dat 2 cm groter is dan de spiraal en knip dit uit. Prik met een schaar een gaatje in de spiraal, de ondergrond en de portfoliomap en maak beide rondjes met een splitpen vast op de map. Versier de map verder met restjes papier of tekeningetjes. Ver vergeet natuurlijk niet om met grote letters je naam erop te schrijven of plakken. Gebruik eventueel de restjes van het vel met de ecolinevlekken.

zondag 30 mei 2010

Je eigen WK-voetbal shirt

Achterkant van het Wk-shirt van Romyo en Ellen

Benodigdheden:

  1. mal van een t-shirt
  2. gekleurd fotokarton op A3 formaat
  3. restjes gekleurd papier
  4. schaar
  5. plaksel

Met het wereldkampioenschap voetbal in aantocht, maken de kinderen hun eigen voetbalshirt. Bekijk via het digibord foto's van voetballers die in het Nederlands elftal spelen. Hoe kun je zien wat de voor- en achterkant van een shirt is? Wat staat er op de achterkant van hun shirt? Waarom heet dit een rugnummer? Kun je aan het shirt al zien dat het om Nederlandse voetballers gaat?

Concludeer met de kinderen dat op de achterkant van een shirt een rugnummer staat (waarom zou dat zijn?) en de achternaam van de voetballer. De leerlingen gaan hun eigen shirt maken. Ze kiezen hiervoor een kleur karton en trekken een mal van een shirt om. Maak dit zelf van te voren. Knip het shirt uit. Op restjes papier tekenen de leerlingen een rugnummer en knippen dit uit. Ditzelfde doen ze met de (blok)letters van hun naam. Hulp met het verbreden van de letters zal misschien nodig zijn! Versier de voorkant van het shirt naar keuze maar wel zodat je kan zien dat het om een Nederlandse speler gaat.

Voorkant van de shirts door leerlingen van groep 3

Tip: met de naam van papa wordt dit shirt ook een leuke cadeautje voor vaderdag!

Met dank aan Lilia Bezemer

woensdag 26 mei 2010

Verbonden visjes

Benodigdheden:
  1. tekenpapier op A4 formaat
  2. kleurpotloden
  3. zwarte fineliner
  4. waterverf
  5. penselen
Een opdracht die gemakkelijker lijkt dan hij was ... Op een wit vel tekenen de leerlingen met een grijs potlood simpele vissen, slechts bestaand uit een staart en lijf. Zie voorbeeld. Enkele vissen moeten elkaar overlappen. Vervolgens worden de contourlijnen van de vissen verbreed tot ongeveer een cm. Teken en gum de overlappende vissen zo dat de lijnen om en om gaan: onder boven onder boven. Kleur de contourlijnen stevig in en kleur de binnenkant van de vis met dezelfde kleur dun in. Versier de vissen met een patroon in fineliner. Verf de achtergrond met verdunde waterverf blauw. Variant: knip de getekende visjes uit. Maak een zeelandschapje op een blauw vel papier en plak de vissen ertussen.

Door Silke en Sjuul, groep 7

maandag 24 mei 2010

Zomerse sorbet

Door een leerling van groep 7
Benodigdheden:
  1. gekleurd papier op A4 formaat voor achtergrond
  2. tijdschriften
  3. aluminiumfolie
  4. restjes papier
  5. kleurpotloden
  6. koekje
  7. rietje
  8. schaar
  9. plaksel

Maak een collage van een lekkere gevulde sorbet! Knip fruit uit tijdschriften, teken en kleur ijsbolletjes, knip een mooi glas voor je sorbet en maak alles af met een rietje en een lekker koekje!

zondag 23 mei 2010

Geofictie: ontwerp een bankbiljet

Door Brittany, groep 8

Benodigdheden:

  1. tekenpapier 15 bij 7 cm
  2. kleurpotloden of viltsitften

Een andere opdracht die bij geofictie hoort (Bedenk je eigen land - zie ook de andere berichten in de categorie geofictie), is het ontwerpen van een bankbiljet en munten. Op dit biljet kan een historische figuur staan, maar ook een dier of persoon die belangrijk is voor dat land. Vergeet niet op het biljet te zetten hoeveel het waard is!

Door Sjoerd, groep 8

zaterdag 22 mei 2010

Geofictie: bedenk een alfabet

Benodigdheden:
  1. tekenpapier op A4 formaat
  2. kleurpotloden
Een andere opdracht die bij geofictie hoort (Bedenk je eigen land - zie ook de andere berichten in de categorie geofictie), is het ontwerpen van een bij dat land horend alfabet. Dit kan een alfabet zijn waarbij onze letters vervangen worden door een letter die een of twee plekker verderop in het alfabet staat, maar het kan ook een getekend alfabet zijn zoals in het voorbeeld. Elke letter is een tekeningetje van een voorwerp dat met die letter begint: een jurk voor de j, een k voor de klok. De leerlingen die dit alfabet ontwierpen, hebben zelfs voor de dubbele klinkers een apart teken gemaakt!

Geofictie: ontwerp een postzegel

Benodigdheden:
  1. tekenpapier op A6 formaat
  2. kleurpotloden of viltstiften
  3. kartelschaar
Geofictie is fictieve geografie: het verzinnen en ontwikkelen van een 'geo', een fictieve geografische eenheid. Dat kan een land zijn, een stad, een streek, een planeet, een planetenrijk; het maakt niet uit. Bij dit fictieve land is van alles te bedenken: - kaarten tekenen (topografisch, natuurkundig, thematisch) - vlag, geld, postzegel - geschiedenis, volkslied, kleding, flora en fauna - taal, muziek, politieke systemen, cultuur en gebruiken In de groep 8 waar ik lesgeef, gebruiken we geofictie als leermiddel. Kinderen ontwerpen in groepjes hun eigen land, en passen daarbij de dingen toe die ze geleerd hebben bij o.a. aardrijkskunde. Een van de opdrachten die hierbij hoort, is het ontwerpen van een postzegel voor het fictieve land. Tekenen, inkleuren en daarna uitknippen met een kartelschaar.

Door leerlingen van groep 8

woensdag 19 mei 2010

Vlinders in de stijl van Peter Callesen

Benodigdheden:

  1. wit kopieerpapier (80 grams) op A4 formaat
  2. gekleurd papier voor achtergrond
  3. snijmesje
  4. snijmat
  5. schaar
  6. plaksel

Peter Callesen (geboren in 1967) is een Deense kunstenaar die kunstwerken knipt uit simpele vellen wit papier. Hij gebruikt zowel het tweedimensionale vlak van het papier in combinatie met driedimensionale vormen. Deze 3D-vormen komen uit het vel papier omhoog of vallen eruit. Het knappe van zijn werk is dat hij niets toevoegt. De driedimensionale figuren die uit een achtergrond lijken te stappen, zijn gemaakt van diezelfde achtergrond. Bekijk foto's van Callesens werk op zijn eigen website, http://www.petercallesen.com/ en bespreek deze met de klas. Bekijk vooral het werk 'Hunting', waarop een spin en vlinder te zien zijn. Dit werk vormt de basis voor deze les. Bespreek hoe deze vlinder nog vast zit aan de achtergrond. Zijn er nog andere mogelijkheden om een vlinder uit het papier te laten komen? Het lijf kan vastzitten, maar ook een deel van een vleugel. Door verschillende manieren te gebruiken, krijg je variatie in je werk.

Detailfoto: vlinder waarvan het lijf nog vastzit. De kinderen schetsen dun een aantal vlinders op hun witte vel papier. Laat hen niet te ingewikkelde vleugels tekenen, want de dieren moeten straks uitgesneden worden en dat is al lastig genoeg! Geef in de tekeningen met bijvoorbeeld een dubbele lijn precies aan welke stukjes straks niet losgesneden moeten worden. Kies bij de verschillende vlinders voor meerdere opties, bv. het lijf vast laten zitten, of juist de punten van de onderste vleugels. Snijd de vlinders voorzichtig los uit het papier. Pas goed op dat je de aangegeven 'vaste' delen niet lossnijd. Plak het werk op een gekleurde ondergrond, maar doe geen lijm achter de vlinders. Vouw de vlinders of vleugels iets omhoog, zodat ze goed van het papier loskomen en de achtergrond goed te zien is.

Door Debbie, groep 7

dinsdag 18 mei 2010

Op art in complementaire kleuren

Benodigdheden:

  1. tekenpapier van 14 bij 14 cm
  2. liniaal
  3. potlood
  4. stukje karton van 6 bij 6 cm
  5. viltstiften
  6. zwart papier voor achtergrond
  7. schaar
  8. lijm

Vertel in de inleiding bij deze les over primaire en secundaire kleuren. Hoe maak je de secundaire kleuren? Welke kleuren moet je daarvoor mengen? Vertel dat complementaire kleuren die kleuren zijn die in de kleurencirkel tegenover elkaar liggen: blauw en oranje, geel en paars, rood en groen.

Verdeel het tekenvel in vier vakken van 7 bij 7 cm. Knip een vorm uit een stukje karton en trek deze vier keer om in de vakken. Trek met polood om de cm verticale lijnen in de vakken. Kleur de vormen en achtergronden van de vierkantjes om en om in met complementaire kleuren en één in zwart/wit.

Knip de vierkantjes los en plak ze met een cm tussenruimte op een zwart vel.

zondag 16 mei 2010

Kleurige kippen

Door Danjel, groep 8

Benodigdheden:
  1. tekenpapier op A3 formaat
  2. oliepastelkrijtjes
  3. plakkaatverf
  4. kwasten
  5. gekleurd papier voor achtergrond
Op een A3 tekenvel tekenen de kinderen een horizonlijn. Dan tekenen ze een grote kip en kleuren deze in met felle kleurtjes oliepastel. Met sterk verdunde waterverf wordt de achtergrond geschilderd.

woensdag 12 mei 2010

Grote striphelden

Door Donna, groep 7

Benodigdheden:

  1. wit tekenpapier op A3 formaat
  2. kleurpotloden of stiften
  3. plaksel en schaar
  4. gekleurd papier voor achtergrond
  5. liniaal en grijs potlood
  6. plaatje of kopie van stripfiguur op A6 formaat (ansichtkaart)

Stripfiguren zijn leuk om na te tekenen. Om ervoor te zorgen dat het dan ook echt goed lijkt, werken de kinderen met een rooster zodat ze hun stripheld goed kunnen natekenen. Vraag de kinderen een plaatje van hun stripheld mee te nemen. Vergroot of verklein dit plaatje op de kopieermachine tot A6 formaat (ansichtkaartformaat). Op dit plaatje tekenen de leerlingen horizontale en verticale lijnen met een onderlinge afstand van 1 cm, zodat een blokkenpatroon ontstaat. Op het A3 vel tekenen ze opnieuw dit blokkenpatroon, maar nu met blokken van 2 bij 2 cm. Denk eraan: zacht drukken op je potlood, zodat de lijnen zo licht mogelijk worden. Je moet ze maar net kunnen zien. Vervolgens wordt de tekening van de kaart op het grote vel nagetekend. De blokken dienen nu ter ondersteuning en de kinderen kunnen hun figuur heel precies natekenen. Na het tekenen worden de horizontale en verticale lijnen zoveel mogelijk weggegumd en kan de tekening worden ingekleurd. Met zwarte stift worden de randen omgetrokken en tenslotte wordt het werk op een bijpassende ondergrond geplakt.

Door Tanita en Laurens, groep 7

zondag 9 mei 2010

In de stijl van Georgia O'Keeffe

Benodigdheden:
  1. zwart papier 20 bij 20 cm
  2. houtlijm
  3. oliepastels

Georgia O'Keeffe (1887 - 1986) was een Amerikaans kunstschilder. O'Keeffe is een belangrijke figuur in de Amerikaanse kunst vanaf 1920. Haar werk neemt bevindt zich op de grens van abstracte kunst en realisme. Ze heeft een belangrijke rol gespeeld door de Amerikaanse kunststijl naar Europa over te brengen in een tijd dat de meeste invloed in tegengestelde richting stroomde. Terugkerende onderwerpen in haar schilderijen zijn bloemen, rotsen, schelpen, dierenbeenderen en landschappen. Ze vond vooral artistieke inspiratie in New Mexico, waar zij later in haar leven ook ging wonen. In Santa Fe (New Mexico) is een speciaal museum gewijd aan Georgia O'Keeffe.

Laat via het digitale schoolbord schilderijnen met bloemen van O'Keeffe zien. Bespreek wat opvalt: de bloemen zijn beeldvullend, staan vaak niet in hun geheel op het doek, hebben sprekende kleuren en zijn realistisch geschilderd. Bekijk het kleurgebruik en hoe O'Keeffe nuances aanbracht in haar werk.

De kinderen krijgen een zwart vel van 20 bij 20 cm. Hierop tekenen ze met potlood een zo groot mogelijke bloem. Bloemblaadjes mogen van de rand afvallen. Als de bloem goed is, worden de lijnen overgetrokken met transparant drogende houtlijm. Als de lijm goed droog is, wordt de bloem ingekleurd met oliepastels. Gebruik verschillende kleuren om nuances in de bloemblaadjes en het hart aan te brengen. Kleur ook de achtergrond in met oliepastels.

vrijdag 7 mei 2010

Naar de bollen!

Benodigdheden:
  1. tekenpapier 20 bij 10 cm
  2. potlood
  3. viltstiften
  4. fineliner
  5. liniaal
Trek een horizonlijn om ongeveer 2 cm vanaf de bovenkant van het papier. Zet in het midden een stip, dit is het verdwijnpunt. Trek vanaf de onderkant en zijkanten met potlood dunne lijnen naar deze stip. Kleur de stroken in in bloembollenkleuren. Denk aan de looppaden tussen de bollenvelden. Kleur de lucht. Teken met een zwarte fineliner een skyline van boerderijen, (wind)molens en bomen.

zaterdag 1 mei 2010

Verborgen vlinders

Benodigdheden:
  1. wit tekenpapier op A4 formaat
  2. plakkaatverf
  3. kwasten
  4. papieren doekjes en potten water
  5. lijm en schaar
  6. wit papier als achtergrond
Op stevig wit tekenpapier schilderen de kinderen met een smalle kwast en witte verf grillige, elkaar kruisende lijnen, zodat er vlakken worden gevormd. Maak de vakken niet te klein, dat is lastig inkleuren later.

Kies twee kleuren verf en wit. Meng de verf tot verschillende kleuren en vul de vlakken daarmee. Verf niet verdunnen. Droog de kwast in een papieren handdoekje als hij gespoeld is. 

Vouw een tweede tekenvel dubbel en teken tegen de vouw aan een of meer halve vlinders. Knip deze uit. Verf ze in dezelfde kleuren als de achtergrond, maar blijf daarbij een halve centimeter van de rand af zodat je een wit randje overhoudt. Trek met witte verf dunne lijntjes rondom het lijf van de vlinder en de versieringen als de verf voldoende aangedroogd is.

Plak de gekleurde achtergrond op een groter vel wit papier. Plak dan de vlinders op, waarbij je ook over de witte rand kunt gaan. Doe alleen lijm achter het lijf, zodat de vlinders iets van het papier gaan afstaan voor een ruimtelijk effect.


Door leerlingen van groep 5