Door leerlingen van groep 3
Benodigdheden:- wit tekenpapier op A4 formaat
- wascokrijtjes
- plakkaatverf
- kwasten
In de praktijk geteste teken- en handvaardigheidslessen voor het basisonderwijs.
Door leerlingen van groep 3
Benodigdheden:Door Kirsten, groep 8
BenodigdhedenDoor leerlingen van groep 8
Door leerlingen van groep 3
Benodigdheden:
Benodigdheden:
Benodigdheden
Door Funda, groep 7
Benodigdheden
Als je jezelf van de achterkant wilt bekijken, heb je twee spiegels nodig. Via de tweede spiegel die je in je hand hebt, kun je in de eerste spiegel die aan de badkamerwand hangt, je achterhoofd zien. Dit is het principe van deze tekenles. We gaan eerst oefenen met de spiegels. De kinderen bekijken zichzelf van achteren, en ontdekken dat ze zichzelf in de handspiegel toch ook weer van de voorkant kunnen zien! Alle kinderen krijgen twee uitgeprinte foto’s van zichzelf: één van hun achterhoofd/schouders/uitgestoken hand met spiegel en één van hun gezicht. De achterkantfoto gebruiken ze om zichzelf na te tekenen aan de linkerkant van hun tekenvel. De uitgestoken hand tekenen ze ook zo goed mogelijk na. Hierna wordt de achtergrond getekend: een badkamer, of misschien hun eigen slaapkamer. De handspiegel moet groter worden getekend, omdat anders de foto niet goed uitkomt. Het hoeft dus niet precies in de juiste verhoudingen. Op de handspiegel plakken de kinderen een stukje aluminiumfolie met de glimmende kant naar boven. Hierop plakken ze vervolgens hun eigen uitgeknipte gezicht. Plak de tekening op een ondergrond van gekleurd papier die er mooi bij past.
Door Jara, groep 7
Een oefening in figuurzagen. De leerlingen tekenen op hun plankje van links naar rechts een rechte lijn, een zigzaggende lijn en een golvende lijn. Deze lijnen worden uitgezaagd. De afzonderlijke onderdelen worden geschuurd en dan geverfd (eventueel versierd met goudkleurige stift). Vervolgens worden de onderdelen op een vel gekleurd papier geplakt: een landschapje in hout!
Door leerlingen van groep 8
Benodigdheden:Door Lianne, groep 7
BenodigdhedenDoor Pien, 11 jaar
Iedereen heeft zichzelf wel eens in een lachspiegel gezien. In de ene lijk je heel dik, de andere maakt je juist superlang en weer een ander zorgt ervoor dat je een groot hoofd krijgt! In deze tekenles gaan de kinderen zichzelf tekenen alsof ze voor de spiegel staan. Op elk blaadje komen drie tekeningen: een van het kind zoals het gewoon is, een tekening van een lachspiegel die je dunner maakt en een tekening van een lachspiegel die je juist dikker maakt. Benodigdheden:Maak samen met de klas de vakindeling op het tekenvel. Houd deze verhouding aan: mager is 1/6 deel van het tekenvel, gewoon is 2/6 deel en dik is 3/6 deel. Laat de kinderen beginnen met de ‘gewone’ figuur. Van hieruit kunnen ze dan de dunne en de dikke persoon tekenen. Inkleuren met kleurpotlood.
Van bruin papier wordt een passe-partout geknipt en over het portret geplakt. Versieringen kunnen aangebracht worden met goudkleurige stift.
Groepswerk door leerlingen van groep 8
Benodigdheden:
James Rizzi is geboren in 1950 te Brooklyn. Hij studeerde op de kunstacademie van Florida (Gainesville), waar hij begon met experimenteren met schilderen, druktechnieken en beeldhouwen. In Rizzi’s werk kom je vaak zijn geboorteplaats New York tegen. De schilderijen zien er soms kinderlijk naïef uit, met de felle kleuren en stralende vrolijkheid. In de kunstpers wordt hij vaak bestempeld als ‘Urban Primitive Artist’ . Rizzi zegt zelf beïnvloed te zijn door Picasso, Klee en Dubuffet. Laat enkele schilderijen van Rizzi zien (Google afbeeldingenzoeker) en bespreek wat opvalt:
Foto van Dianne Heinen
De opdracht luidt: teken een hoog huis of een flat in Rizzi-stijl. Dit is dus een huis met een gezicht en andere menselijke dingen, zoals kledingstukken en ledematen. Let goed op dat het wel een huis moet blijven, en dus geen vierkant mens! Dit kun je voor elkaar krijgen door in elk geval de basiselementen van een huis (ramen, deuren) te tekenen. Kleur het huis vervolgens in met felgekleurde viltstiften. Omlijn de details van je huis met zwarte viltstift. Knip je huis uit en trek dan pas de buitenkant om met een dikkere zwarte stift (dit is om te voorkomen dat de zwarte lijn er afgeknipt wordt!). Teken ook dingen voor in de lucht: sterren, een maan, wereldbol, luchtballon, ufo’s etc. Zie hiervoor de schilderijen van Rizzi zelf.
Om er een groepswerk van te maken, moet elk kind minstens een huis tekenen en uitknippen. Schik deze op een blauwe ondergrond en plak ze vast (of laat dit door een kind doen). Begin achteraan met plakken, zodat de onderste rij huizen er deels overheen geplakt kan worden. Let hierbij op de kleuren: geen twee dezelfde huizen naast elkaar. Plak vervolgens de sterren e.d. op de achtergrond.