maandag 15 juni 2009

Striptaal

Door Marrit, groep 8

Benodigdheden
  1. wit tekenpapier van 10 bij 10 cm
  2. wit tekenpapier van 30 bij 30 cm
  3. plakkaatverf
  4. viltstiften
  5. dikke zwarte stift
  6. liniaal
  7. kwasten

Door Kiki, groep 8

Inleiding
Striptekenaars gebruiken een speciale manier om geluiden weer te geven. Met letters of woorden kunnen ze zo een speciaal effect bereiken. We noemen dit ‘klanknabootsing’ of onomatopee. Rondom het stripplaatje is een zwarte rand getekend. Soms wordt er, voor de grap, over de kaderlijn heen getekend. Vraag kinderen stripbladen mee te nemen. Zoek en bekijk met de kinderen voorbeelden van klanknabootsingen: VROEOEOEMM (draaiende motor, SPLASH (vallend water), TONK (iemand die zijn hoofd stoot). De klanknabootsingen gaan vaak samen met een beweging of richting. Dit kun je zien aan de vorm of richting van de letters, of zelfs aan de letters zelf. Vaak zie je ook bij het woord passende symbolen, zoals de sterretjes in het voorbeeld hiernaast of waterdruppeltjes bij het woord SPLASH.

Opdracht De kinderen ontwerpen bij een zelfbedacht geluid een stripplaatje, dus met letters en een tekening. Dit wordt getekend op een klein blaadje van 10 bij 10 cm. Als dit klaar is, krijgen de kinderen een groot vel van ca. 30 bij 30 cm. Hierop tekenen ze een kader op 1 cm van de kant af (liniaal!) en vervolgens vergroten ze de tekening van het kleine blaadje. Als het niet lukt, kunnen de kinderen een vierkantenrooster (hokken van 3 bij 3 cm) op het grote vel maken, om zo de kleine tekening makkelijker te kunnen natekenen. De tekening, letters en achtergrond worden ingekleurd met viltstift (kleine onderdelen) en plakkaatverf (grote vlakken). Kies heldere kleuren, dus niet te veel mengen. De rand buiten het kader blijft wit. Tenslotte worden alle lijnen en het kader omgetrokken met een zwarte stift.

Door Lisa, groep 8

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen